Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

. In 1852 werd te Batavia opgerigt het Genootschap van Inwendige en Uitwendige Zending, en kwamen er eenige Zendeling-werklieden te Batavia aan, die zich voorloopig te Kampong-Makasser, in de nabijheid van Batavia, vestigden. Deze Zendeling-werklieden, wier aantal later nog vermeerderd werd, waren opgeleid door den Predikant Gossner te Berlijn, en zijn hierdoor ook onder den naam van Qossnersche Zendelingen bekend.

Men herinnert zich dat, in verband tot art. 1 van het Koninklijk Besluit d. d. 11 December 1835 N<>. 88, reeds sedert vele jaren herhaaldelijk pogingen waren aangewend tot Vereeniging der Hervormde en Luthersche gemeenten te Batavia. Meer bepaaldelijk waren hiertoe de noodige stappen gedaan door de Hervormde Leeraars J. Th. Boss en G. van den Bijllaardt, en den Lulherschen Predikant J. F. Kramer, van 1821 tot 1823; terwijl men ook dit doel had beoogd in 1830, en eindelijk ook nog van 1841 tot 1844 door eene spéciale , door het Gonvernement op den 278ten Januarij 1841 (Besluit No. I) benoemde, Kommissie.

De uitslag dezer pogingen had echter aan het oogmerk niet beantwoord.

Doch, toen de in 1852 uit Nederland aangekomen Predikant A. A. Th. Mounier, naar aanleiding van een daartoe strekkend verzoek, tijdelijk benoemd werd tot President van den Kerkeraad der sedert 1849 herderlooze Luthersche Gemeente, spéciaal met het doel om de Vereeniging der beide gemeenten (zoo mogelijk) tot stand te brengen, — toen werden door de Kerkeraden van gezegde gemeenten op nieuw de vereischte maatregelen genomen om tot eene gewenschte eindschikking te komen , en zulks- met zoodanig gevolg dat de Vereeniging in Mei 1853 voorloopig, en op 1°. Junij 1854 finaal,

Sluiten