Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zeggen, en haar van onze academiën naar seminariën verbannen willen hebben. Ziedaar, wat beide soort van tegenstanders tegen ons inbrengen. Han oordeel kan mij echter evenmin bewegen, om, ter wille van de vrijheid, de theologie vaarwel te zeggen, als om aan de beoefening der theologie de vrijheid op te offeren. Waarom ik zoo oordeel, wensch ik bij deze gelegenheid nit een te zetten. Ik zal hierin zoo te werk gaan, dat de eigenaardige grenzen der theologie niet overschreden worden. Stelt deze wetenschap zich toch ten doel, de godsdienst te doen kennen en belijden, die door Jezns Christus gesticht werd, en kan deze slechts langs historischen weg uit de boeken des N. Ts gekend worden, dan volgt hieruit, dat de godgeleerde wetenschap, zal zij den naam van christelijk dragen, niet met Christus en met de H. Schrift mag strijden. Staat dit nu tasschen ons en onze wederpartij vast, dat de godgeleerdheid beperkt is tot de grenzen der_H. Schrift, als de historische kenbron der christelijke godsdienst, dan wordt de vraag vervolgens deze: laten de leer en de beginselen van Christus, zoo als die in de H. Schrift vervat zijn, aan den godgeleerde hetzelfde vrije onderzoek toe als aan den beoefenaar der overige wetenschappen, of is integendeel de vrijheid van den godgeleerde zoo zeer door een bepaald geschrift, systeem of formulier beperkt, dat er voor verder onderzoek geene plaats mee overblijft? Ter beslissing van dit vraagstuk, zal ik derhalve, gelijk weleer Luther, een beroep op Christus doen. Blijkt het uit de H.

Sluiten