Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lië, óf een Luthersche Staat, gelijk in Zweden, óf ook een Gereformeerde Staat, gelijk eertijds in ons vaderland, en wordt de weg gebaand tot den staatkundigen toestand vóór de Fransche revolutie, waarbij elk, die de heerschende kerk niet toegedaan was, onbevoegd geacht werd om te staan naar openbare ambten. Bedoelt men dit niet, waartoe zou dan het woord «Christelijk" in de grondwet geschreven staan ? Om aan te duiden, dat de meerderheid in Nederland het Christendom belijdt? Maar dit behoeft immers niet uitgemaakt te worden door eene wet, en zou daarenboven strijden met den aard eener wet, die niet verhaalt wat is, maar beveelt wat zijn moet. Zal het dan misschien beteekenen, dat de wetgever wenscht, dat de burgers van Nederland, in al hun doen zich laten besturen door beginselen van echte Christelijke vroomheid? Doch een wetgever wenscht niet maar beveelt, en het bevelen van beginselen en ware godsdienstigheid ligt immers niet onder het bereik eener wet? Gij ziet, M. H.! dat zij, die zoo iets van den wetgever begeeren, een vergeefschen eisch doen en het onmogelijke verlangen!

Maar zoodoende, zegt men, wordt het Christendom uit onze instellingen verbannen. Vreest iemand daarvoor? hij drage slechts zorg, van zelf het Christelijk element niet te verliezen, en streve er naar, van zelf met Christelijke beginselen doortrokken te worden; en hij zal het zijne toegebragt hebben, dat het Nederlandsche volk niet slechts een Christelijk volk genoemd wordt, maar

Sluiten