Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

plaats der goddeloozen (1) beteekent, hetzelfde Nederduitsche helle gebruikten (2). Welk een misverstand moet dit menigmaal, inzonderheid bij ongeletterden, veroorzaken ! Laat hen, bij voorbeeld, Zuc. XVI: 23, èens van den rijke lezen: En als hij in de helle zijne oog en ophief, zijnde in de pijne, dan moeten zij immers uiterst verlegen staan met het volgende: zag hij abraham van verre en lazarus in zijnen schoot; dewijl dit volstrekt niet te verklaren is, tenzij men aanneemt, dat de gelijkenis ook abraham en lazarus in de onderwereld voorstelt, ofschoon van den rijke op verren afstand verwijderd. Zonder dit aan te nemen blijft hetgeen verder verhaald wordt insgelijks onverklaarbaar. Doch in alle die plaatsen van het Nieuwe Testament, waarin de hel met de onderwereld verward wordt, brengt zulks ook verwarring van denkbeelden te weeg. En nu gelieve men op te merken, dat deze niet slechts weinige, maar elf in getal zijn!

De fouten van den Staten-Bijbel, die voor den lezer hinderlijk zijn, betreffen niet alleen woorden, zoo als die op zich zelve staan, maar zoo als die ook in verband met andere voorkomen. Zij veroorzaken misverstand, nu eens van eene gebruikelijke spreekwijze, dan eens van eene uitdrukking, die met het voorgaande of volgende zamenhangt. Van het laatstgenoemde vinden wij een voorbeeld (3) in Joh. VIII: 44, waar het Grieksch (4) in het Nederduitsch is overgezet: hij is in de waarheid niet staande gebleven. Nu zal menigeen

"(1) réwvu. (2) Vissering , bl. 279.

(3) Op dit voorbeeld wijst vissering ook , bl. 266.

(4) ~"Ev rij rthjd-tlcc ovy 'iaripttv.

Sluiten