Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het klaarblijkelijk, welk eene dienst, bij alles, wat aan het oordeel van den Vertaler wordt overgelaten, de bepalingen kunnen doen, om dat oordeel te leiden. Met opzet heb ik ze uit plaatsen genomen, welke in mijne Proeve van Grondslagen ter sprake zijn gebragt (1).

Op denzelfden voet wil ik nu met betrekking tot de regelen zelve voortgaan. Vordert de eerste der door mij opgegeven regelen getrouwheid aan het oorspronkelijke, daarmede wijst hij reeds dadelijk aan, hoe er in ontelbare gevallen vertaald moet worden. Het eerste voorbeeld, dat ik aan 1 Joh. III: 3 ontleend heb, stelt dit boven bedenking. 13e Staten-Bijbel heeft daar: reinigt zich zeiven (2). Erkent men nu met hem, dat het Grieksche woord met het Nederduitsche reinigen gelijk staat, dan is er geen de minste twijfel aan, of men wordt ongetrouw, tenzij men dien Staten-Bijbel volge. Hoe onze van der palm er aan gekomen zij om te schrijven reinige zich zeiven, en die verkeerde vertaling nog door eene hier ongepaste aanteekening te staven, durf ik niet zeggen. Even beslissend is het laatste voorbeeld, dat ik voor mijnen tweeden regel gebruikt heb. Die regel gaat bij den Vertaler het verklaren tegen, en als men hem nu op Hand. VIII: 26 toepast, dan kan men geen oogenblik verlegen staan, hoe men daar te handelen hebbe. Moet men eene vertaling en geene verklaring geven, dan is het onwedersprekelijk, dat er geschreven behoort te worden: deze

(1) Bl. 18, 59, 61, 65. Het tweede voorbeeld is alleen bij den eersten regel gebruikt, maar kon ook bij de eerste bepaling bl. 58 gebruikt zijn.

(2) '"AyviX,*1 tcevTÓv.

Sluiten