Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en hij ons toch te lezen geeft, hem was eene Goddelijke openbaring gedaan, ofschoon er in de vertaling van utenhoven staat: hem was een Godlicke ansprake ghedaen. Nu nog één voorbeeld, en wel den regel betreffende, die ra mijne Proeve van Grondslage^ de zesde is, maar dien men in het voorjaar te regt verkozen heeft achter den eersten te zetten. Aan dien regel, welke de duidelijkheid aanbeveelt, kan de StatenB ij bel Openb. III: 10 niet getoetst worden, of men moet hem afvallen. Wij lezen daar: uit de ure der verzoeking, die over de geheele wereld -komen zal, en nu zullen zeker de meesten het woordje die op het voorgaande verzoeking laten slaan. Doch wordt de grondtekst (1) geraadpleegd, dan blijkt het zonneklaar, dat dit woordje op uur slaan moet. En evenzeer blijkt het dan ook, dat er naar ons hedendaagsch spraakgebruik behoort geschreven te worden: uit het uur der verzoeking, dat over de geheele wereld komen zal. Meer wil ik er nu niet bijvoegen. Ik verbeeld mij ook genoeg gezegd te hebben, om het gerust aan het oordeel van alle onpartijdigen te kunnen overgeven, of de bearbeiders der nieuwe Nederduitsche vertaling van het Nieuwe Testament verpligt zullen zijn, om alles op hun eigen gevoelen zoo te laten aankomen, dat de door hen aangenomen regels hun weinige of geene dienst bejdjzen.

Ik meen dus ook gerust te kunnen overgaan tot het onderzoek van de zeer zware bedenking, of er althans d£ar, waar het op de geloofs- en zedeleer aankomt, geene Bijbelverdraaijing te vreezen zij. Dat er door

(1) Tf)S a>Q«g tov tchquouov —

riji [UMOtfong enz.

Sluiten