Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bel, ondermijnen, gelijk zulks de Haagsche Synode gedaan heeft.

Aanmerking 1. Met een enkel woord wil ik nog terug komen op het eerste, der bovengemelde argumenten uit het artikel, waarbij men zich op den Koning beroept; 1

Gesteld eens, dat de onschendbaarheid des Konings hier ten waarborg zou kunnen dienen', tot staving der regtzinnige gevoelens van de door hem benoemde Hoogleeraren , zoo doet zulks in het onderhavige geval niets af. Ten hoogste is het een bewijs, dat de Koning verkeerd onderrigt geweest is omtrent de Godsdienstige begrippen , welke deze drie Hoogleeraren koestwen. Zij werden, bij de benoeming, aan hem voorgesteld, als Gereformeerde Hoogleeraren, en als zoodanig door hem benoemd. Maar wat houdt de Koning voor Gereformeerd^ — Deze vraag kunnen wij niet beter beantwoorden, dan met hetgeen men vindt in Z. M. Besluit van den 7 Julij 1836, welk besluit genomen werd, ten gevolge van a. brummelkamp c. s. , afgescheidenen, die een Adres aan den Koning hadden ingediend. In dit besluit leest men woordelijk: »Dat voorts de Adressanten , hoezeer zij door het overleggen van dezelfde Formulieren, als bij het door ons erkende Nederlandsche Hervormde of Gereformeerde Kerkgenootschap in gebruik zijn, genoegzaam doen blijken, dat tusschen hunne leerstellingen, op zich zelve genomen, en die, wélke in het genoemde Kerkgenootschap worden beleden, geen onderscheid bestaat ," enz.

Hier erkent de Koning, dat de Formulieren, bij de afgescheidenen in gebruik, dezelfde zijn, als die der

Sluiten