Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

trouw onzes Gods, die ons zulk een' waarborg gaf en door alle eeuwen getuigenis aflegde, dat Hij eenmaal Zijne vervulling vinden zal. — Ziet het reeds in de eerste christeneeuw tegenover het ongeloovige, het Godsrijk verwerpende Israël. — Ziet op die wondervolle toebrengingen van zondaars uit de Joden niet alleen, maar ook uit de Heidenen, reeds in der Apostelen tijden. Ziet op die bekeeringen van afgodische Heidenen, van den Ethiopiscken Kamerling, van den Romeinschen Proconsul Sergius Paulus, van de purperverkoopster Lydia, van den krijgsman Cornelius, van den stokbewaarder te Philippi, van den Alexandrynsche Schriftgeleerde Apollos, van den moordblazenden Saulus, van Priesters zeiven, den geloove gehoorzaam geworden, van gansche scharen uit eigengeregtige Joden en waanwijze Heidenen. Ziet! hoe daar weldra eene gemeente aanwezig was uit alle geslachten, talen, volken en natiën, die daar kende en aannam de betere dingen, die met de zaligheid gevoegd zijn, en de Naam des Heeren werd groot gemaakt. Ziet, hoe dat, ook te midden van de dikste duisternis, door 's Heeren krachtigen arm is voortgezet door alle eeuwen, langs geheel ongedachte wegen, van geheel ongedachte plaatsen. — Waar het naamohrifitendom verwerpt, daar roept God ze uit de Heidenen; waar het wijze, groote, magtige en edele verwerpt, daar roept God ze uit de dwazen, onedelen, armen, verachten; waar het eene volk weigert, daar komt het andere aan:

Boor Godlijk licht geleid, Om 't nakroost dat den Heer wordt toebereid, Te melden 't heil van Zijn geregtigheid En groote daden.

Waar kinderen des koninkrijks zich des eeuwigen heils onwaardig maken, daar wordt het aan een ander volk gegeven, dat zijne vrucht voortbrengt. — O ziet, bij de schier ongekende toeneming van het ligtzinnigste ongeloof in Europa's werelddeel, den verbazenden voortgang van het Godsrijk onder de Heidenen, den rijken zegen op den arbeid der Zendingsgenootschappen. De einden der aarde komen reeds tot den Heer, van den opgang der zon tot aan haren ondergang wordt Zijn Naam beleden en geprezen; bet huis Jacobs een bedehuis voor alle volken! — Heerlijke, zielverheffende aanblik. Zoo gaat God voort zielen te verzamelen voor den oogst der zaligheden! en de schare, die niemand tellen kan te roepen uit alle geslachten, talen, volken en natiën. Gedachte vol van onvergelijkelijk heil! Wat Goddelijke genade tegenover zooveel menschelijke schuld! M. H.! wat

Sluiten