Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aanvankelijk of met dagelijks toenemend geloofsvertrouwen bidden: „Uw Koningrijk kome !" Amen.

Welk een prachtige aanblik!... o Alle gij, opgekomenen tot dit Zendingsfeest, inzonderheid gij allen, die van christus zijt, geliefden Gods! geroepene heiligen! genade zij u, vrede van God, onzen Vader, den Heer jezus chbistus, door den Heiligen Geest!

Welk een prachtige aanblik!... o 't zien van zóóveel duizenden op een Algemeen Evangelisch Zendingsfeest doet duizelen van heilige vreugde, 't harte dat gloeit voor de uitbreiding en den bloei van het Godsrijk, — doet zoo innig gevoelen, wat 't zegt: „ik geloove de gemeenschap der heiligen," ontlokt een loflied aan de lippen, een psalm ter verheerlijking van Gods barmhartigheid, trouw en almagt... Voorwaar! hier kan de wereld, die in 't booze ligt, zien, hoe 't bij alle verschil in rigting en denkwijze van de gemeente Gods geldt: „één ligchaam is het en één geest, één Heer, één geloof, één doop, één God en Vader van allen, die daar is boven allen en door allen en in allen..." Hier, onder al die duizenden, die zelfs van aangezigt elkander schier niet kennen, hier snoert iets onzigtbaars onze zielen aanéén en — wij begroeten elkander in chbistus jezus als broeders, zusters, die, één in de waarheid, gezamenlijk één doel beoogen, ons gezamenlijk weten, geroepen te zijn tot ééne hope der roeping, die den rijkdom der genade, ons naar de mate der gave van Christus geschonken, ook in den ruimsten overvloed wenschen uitgestort te zien over den armen Heiden, den ellendigen Mahomedaan, den door vooroordeel verblinden en ongeloovigen Jood, den nog niet van zonde, geregtigheid en oordeel overtuigden, den nog in den dood der zonden en misdaden verzonkenen naam-Christen.

Ja! nu vóóral, op dit Zendingsfeest — omdat wij zóó innig gevoelen, welke onuitsprekelijke genade ons, den voornaamsten der zondaren, is geschied, dat wij mogen roemen in den Christus als onzen vrede, onze hoop, onzen troost en het leven onzer ziele — nu vóóral niet waar? mede Christenen!'zucht eene stemme binnen in ons: „ach werd die eenige Naam ter zaligheid meer gehoord, meer gekend, meer verheerlijkt!" ... En daarom inzonderheid, mijne vrienden, vind ik 't hier een prachtige aanblik.' En daarom acht ik 't heden teregt een Zendingsfeest geheeten, al hoort men ook van niet weinige de moedelooze vraag: „is 't nu een tijd om feest te vieren?... Ja, o ja! 't is een tijd om feest te vieren: want de

Sluiten