Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoogmoed. De onbaatzuchtige liefde vindt hare belooning in hare openbaring; zij heeft om niet ontvangen, en zij geeft ook om niet. En deze liefde is volhardend.

Zal het Evangelie gepredikt worden in de geheele wereld, dan moet eene duurzame liefde de harten van jezus discipelen vervullen.

Zoo lang er nog een mensch is, die in de schaduwe des doods nederzit; zoo lang er nog een schepsel is, dat Heiden, of Jood, of Mahomedaan heet, heeft de liefde hare taak nog niet vervuld.

Er komen altijd nieuwe noodkreten uit de Heidenwereld; nog achthonderd millioenen menschen buigen de knie voor bout en steen; nog honderd vijftig millioenen menschen zoeken in den valschen profeet hun heil! nog verscheiden millioenen Joden zwerven over de aarde, die, bij volhardende verwerping van den Christus, door is de wet zoeken geregtvaardigd te worden.

Aan die allen moet het Evangelie gepredikt worden, en daartoe eene duurzame liefde noodig.

Kent gij deze liefde? Zoo zij u ontbreekt, mist gij het voornaamste kenmerk der kinderen Gods; de boom uws harten moge prijken met tal van bloemen en bladeren — hij is arm aan Gode behagelijke vrucht!

Voorwaar, de Christen heeft met opzigt tot het koningrijk Gods eene dure roeping.

Bij de veelvuldige nooden van het eigen hart, het eigen huis, de eigen gemeente, het eigen vaderland rusten nog de ontzaggelijke behoeften der Heidenwereld op zijn gemoed; hij mag in zijne gebeden het Oosten qn Westen, het Zuiden en Noorden niet vergeten.

Maar Gode zij dank! het ontbreekt den Christen niet -aan krachtige bemoediging. God van den hemel ziet met welgevallen op zijne zwakke pogingen neder.

Hij staat op den vasten bodem van Gods Woord. Hij mag staat maken op de trouwe beloften van zijnen Heer, die gezegd heeft: „Predikt het Evangelie allen creaturen."

Wilt gij weten of uwe liefde de ware is, beproeft dan eerst of gij jezus lief hebt.

Er is eene menschelijke welwillendheid, die bestaan en werken kan, zonder dat het hart den Heer bemint.

Alleen de liefde tot God, — die liefde, welke eene vrucht des Geestes is, zij is de kweekster der ware menschenliefde.

Heerlijk voorregt, medearbeiders Gods te mogen zijn! Hoe zwak,

Sluiten