Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in de eerste plaats op Israël, dat in alle die plaatsen als de priesterlijke bemiddelaarster der Heidenvolken beschreven wordt. Tot heden evenwel heeft het volk des Verbonds deze zijne taak nog niet vervuld. Nog heeft het de blijde boodschap niet aan de Heidenvolken gebragt. Maar gelijk meermalen, zoo ook hier, geeft ons het Nieuwe Testament eene nadere aanduiding van de voorzeggingen in het Oude.

De apostel paulus spreekt op de stelligste wijze, wanneer hij van de verwerping Israëls en zijne toekomende wederaanneming gewaagt, en knoopt daaraan de reeds in het Oude Testament vermelde bestemming vast, om voor de menigte der Heidenen en der volken de drager te zijn van het dan in zijn geheel vervulde heil in jezus chbistus, den Gezalfde.

Bijzonder gewigtig is het voor de Zending onder de Heidenen te weten, welke hare uitzigten overeenkomstig de Searift zijn. Dit is veel, ja zeer veel beter dan zich te verdiepen en eindelijk te verliezen in allerlei verwachtingen, die men zichzelven heeft voorgespiegeld, of bij zichzelven heeft opgewekt. Dan zullen ook die schoone, maar zeer gevaarlijke voorstellingen wegvallen, waardoor men verwacht dat nu reeds, zeer spoedig, door den Zendingsarbeid geheel China met zijne 360 millioen inwoners, en Afrika met zijne ontelbare stammen en volken aan de voeten des Heeren zullen nedervallen. Die zich zoo iets voorstellen, zouden eigenlijk op geheel andere wijze moeten werken, en veel krachtiger, ja gewelddadige middelen moeten aanwenden, om de volken te bekeeren. Maar gesteld, dat die stoute verwachtingen verwezenlijkt konden worden, zouden wij dan iets anders aanschouwen dan wat tot nu toe alle volken- en massa-bekeeringen hebben» doen zien? Wat anders, dan onder die massa's eene menigte mondbelijders, mond-Christenen, had ik bijna gezegd, en daaronder een klein aantal levende en getrouwe getuigen des Heeren?

Laat ons daarom voorzigtig zijn met eene, hoe wel ook gemeende, Zendings-rekenkunde. In het rijk Gods meet men niet naar rekenkundigen of meetkunstigen maatstaf. Daarin wordt minder geteld dan gewogen. Het is dikwijls ook meer verblindend dan waar, wanneer men zegt: „Beeds beloopt het getal der gedoopten door de Zending onder de Heidenen 500,000, nu arbeiden wij eerst vijftig jaar. Hoeveel millioenen zullen met vermeerderden Zendings-arbeid in 200 jaren bekeerd zijn?" Hoe goed overigens deze becijfering in de theorie schijnt te zijn, in de praktijk faalt zij. Ook gebeurt liet menigmaal, dat men

Sluiten