Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

prediken," staat er. En zóó bevorderde zij het Koninkrijk van Jezus Christus, en werkte zn op haar eigen terrein meê, dat het Woord des Evangelies overal gepredikt wordt, en dat God van een iegelijk geëerd en gediend wordt, gelijk Hij in Zijn Woord gebiedt.

3.

En nu, wat de bezwaren aangaat, door onzen broeder geopperd. Wn beschouwen ze in verband met onze verklaring der betwiste uitdrukkingen,

Zij zouden overwegend zijn, wanneer wij gebonden waren aan eene verklaring van het Art., zoo als zij hem allicht voor den geest stond; uit de woorden ook zou kunnen afgeleid worden; door sommigen voorgestaan wordt, en voor een groot deel in de eeuw der opstelling van het Art. aangenomen werd.

Kan deze broeder zich echter in hoofdzaak in onze verklaring vinden, dan verliezen zHne bezwaren hunne kracht. Immers:

1°. Wat het eerste bezwaar aangaat, geven wij toe, dat er verschil in bedeeling is tusschen het O. en N. Testament, en dat daardoor de verhouding tusschen Overheid en den heiligen Kerkendienst onder de N. Testamentische bedeeling eenigszins anders is dan onder Israël. Doch daaruit mag niet afgeleid worden, dat de Overheid, naar N. Testamentische verordeningen, met dén Kerkendienst niets te maken heeft; zich daaromtrent onverschillig moet gedragen; zich moet aanstellen, alsof zij geheel neutraal ware — wat werkelijk niet mogelnk is. — De Overheid heeft, volgens het N. Testament, eene roeping met betrekking tot de goeden en de kwaden. Zij is Gods dienares, TJ ten goede, zegt Paulus in Rom. 13, en een wreekster tot straf dergenen, die kwaad doen. En waar zn dan uit de H. Schrift weet, wie God is en wat kwaad

Sluiten