Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den en onverschilligen; want onwetendheid en onverschilligheid zijn te allen tijde de grootste vijanden des Evangelies geweest; maar hij verblijdt er zich in dat hij tot agrtppa spreken mag, die van deze dingen weet. Wat nu vraagt hij? Hij zegt niet: onderzoekt gij, leest gij, leent gij? — hij zoude met deze vragen vele Joden en Christenen onzer dagen in groote verlegenheid brengen, — maar hij vraagt: Gelooft gij de Profeten? en wel niet slechts dit of dat, dat u goeddunkt, maar alles, wat zij hebben geprofeteerd? Hij .vergenoegt er zich niet mede, dat iemand gelooft, dat zij de waarheid hebben gezegd, maar verlangt, dat iemand gelooft de waarheden door hen uitgesproken. Zonder dit geloof in de Profeten kan men geen Jood zijn en met hetzelve is men een Jood, die in jezus van Nazareth als den'Messias gelooft. Ik beken, dat ik verlegen sta voor den overstelpenden rijkdom van deze korte, doch gewigtige vraag. Alle leidingen Gods toch met Israël, zij wijzen op den Messias, en zijn zonder Hem, te eenemale onverstaanbaar. Wat was in gindsche oude dagen de heerlijkheid van dit volk? dat uit diens midden Hij zoude voortkomen, in Wien alle geslachten der aarde zouden gezegend worden. Wat is de oorzaak van Israëls tegenwoordige vernedering? dat het in den tijd der bezoeking niet bedacht wat tot zijnen vrede diende en Hem, Die het, gelijk eene hen hare kiekens, onder Zijne vleugelen wilde vergaderen, verwierp en blijft verwerpen. Waarop rust Israëls hope voor de toekomst? dat het tot Hem bekeerd zal worden, die de Heerlijkheid van Zijn volk, het Licht der heidenen, het Heil Gods is tot aan de einden der wereld. En de mannen Gods, van abel af tot den laatsten der zalig afgestorvenen in het Oude Testament, zij waren voorbeelden van, en wezen op Hem, dien mozes en de Profeten hebben verkondigd. Men is gewoon enkele plaatsen, niet slechts bij uitnemendheid, maar bij uitsluitendheid, Messiaansch te noemen; maar deze plaatsen zijn enkel heuvelen of banieren, die opgerigt zijn, ten einde men het landschap of het leger op grooteren afstand

*

Sluiten