Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Daar de Satan, de bron van alle kwaad, een zelfstandig God is, moet de doop, als het middel om de erfzonde uit te delgen, vervallen.

Wij gelooven, dat er geene opstanding der dooden is, daar anders het vleesch weder in de ziel het kwaad zou invoeren.

Wij gelooven, dat er geene erfzonde is, alsmede, dat het Oude Testament geen gezag bezit, daar de wetgever daarin de Satan is (*).

GELOOFSBELIJDENIS VAN PELAGIUS,

een monnik uit britahnie.

(In den aanvang der vijfde eeuw.)

0 Wij gelooven aan God, den almagtigen Vader, Schepper der zigtbare en onzigtbare dingen.

2) Wij gelooven ook aan den Heer Jezus Christus , door wien alles is geschapen; den Zoon, dien de Vader heeft geteeld, eenswezend met den Vader. Ofschoon Hij door God is voortgebragt, is dit evenwel niet in den tijd geschied, maar Vader en Zoon zijn zonder begin. De Vader was nooit zonder den Zoon, beiden derhalve zijn eeuwig.

(*) Mani, ook Mahes en Manicheus genaamd, uit Perzie, trachtte de aldaar inheemsche en voorvaderlijke leer van twee be- ginselen (dualismus) met het Christendom te vereenigen. Door de godsdienstleeraars zijns volks gehaat en door de Koningen van Perzie vervolgd, werd hij ten laatste op eene gruwzame wijze omgebragt, omstreeks 27a—275. Hij vond echter talrijke aanhangers, die zich nog tot in de vijfde eeuw staande hielden. Een aantal sekten in de middeleeuwen hebben in hunne leerstellingen veel van hem ontleend. Vertaler.

Sluiten