Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op twee wyzen kan de dwaling van Van Lom uitgelogd worden : ofwel hy heeft Marnix vetkeerdelyk burgemeester van Antwerpen genoemd, of wel in den burgemeester van Antwerpen van 1580 ten onregte Mamix gezien.

Het is klaerblykelyk in den laetsten zin, dal Van Lom zich heeft misvat.

In welke hoedanigheid zoude Marnix naer Lier aen het hoofd van vyf honderd soldalen zyn getrokken ?

Als buitenburgemeester van Antwerpen, gelyk hy het later werd, zoude dit mogelyk geweest zyn, « want » zegt Guicciardini: « zyn officie bestond byzondeiiyk in buiten te reysen, » en hy stond aen het hoofd der burger-milicie; maer buitenburgemeester, dat was hy ten dien tyde nog niet. Toen zetelde Sint AJdegonde in den Slaetsraed, en hield zich onledig met onderhandelingen met den katholyken hertog van Alencon : doch dit waren de eenigste betrekkingen welke hy bekleedde, en die bragtcn zeker zulke krygstogten niet mede. Het was dus Marnix niet die tot zulke zending kon last hebben, maer wel de burgemeester van Antwerpen , welken Van Lom hier verkeerdelyk Marnix noemt.

Die dwaling van Van Lom was des te gemakkelyker, daer Marnix waerlyk, toen hy burgemeester van Antwerpen was, eene onderneming op Lier heeft gedaen.

In April 1583, maekte die togt reeds deel van het verdedigingsplan van Antwerpen en in den nacht van 17'1''" January 1584, waegt Marnix inderdaed eenen aenval op Lier, welke echter mislukt en waervan hy zelfs in zyne apologie spreekt en hem « la defaicte que nous eumes pvès de Liere (i) » noemt.

Van Lom heeft deze twee togten verward. Van den eenen kant heeft hy gevonden dat een burgemeester van Antwerpen te Lier geweldenaryen kwam plegen, en van den anderen dat

(I) Wy laten onder bylage II bet verbad van dien aenval volgen, waervan in de jrescbicdenis van Lier geenc melding wordt gémackt.

Sluiten