Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der Toga keeren wij in den grond der zaak slechts tot hetgeen voormaals in ons eigen Kerkgenootschap in zwang was, terug, nademaal deze kleeding weinig verschilt van die onzer voormalige predikanten, (1) waarvan nog de naam mantel, aan de bekende nog in gebruik zijnde" strook laken gegeven, ten bewijs verstrekt.

»De Synode koestert geene vrees, dat door dezen maatregel de onprotestantsche voorstelling, alsof de stand onzer Evangeliedienaren een zoogenoemde geestelijke stand ware, (2) in de Hervormde Kerk zal worden aangekweekt, naardien de Kerkgenootschappen, waarbij de Toga van voor lang in gebruik is, het tegendeel bewijzen. En evenmin kan zij eene andere bedenking, die meermalenis ingebragt, laten gelden, dat namelijk het gebruik der Toga zou zijn af te keuren, omdat onze Heer en zijne Apostelen zich bij hunne prediking van geen onderscheiden gewaad hebben bediend. Immers de omstandigheden , waaronder de tegenwoordige Evangeliedienaar werkzaam is, verschillen grootelijks van die , waaronder de Heer en Zijne Apostelen optraden (3). En zeker lag het geenszins in hunnen geest, het nageslacht in dit opzigt aan hun voorbeeld te binden, gelijk dan ook de Christelijke gemeente, ten aanzien van de inrigting en geheel het uitwendige der openbare godsdienst, steeds bare zelfstandigheid heeft gehandhaafd.

«Natuurlijk kan het niet in de bedoeling der Synode liggen , dat het Toga gebruik in de Vaderlandsche Kerk worde ingevoerd met on-

(1) Hoe orthodox! Welk eene zonderlinge gehechtheid! In een oud Meed, bene nieuwe leek!

(2) Het schijnt noodig toe te lichten in hoeverre die vöorstcllin<r, als onprotestantsch is aan Ie merken. Na lezing van het formulier van bevestiging der Dienaren des Goddelijken Woords, wordt het oordeel den lezer overgelaten.

(3) Eene onomstootelijke waarheid! De Apostelen hadden den beloofden en door den Heer ver worven Trooster ontvangen, opdat Hij bij hen blijve in eeuwigheid, namelijk den Geest der Waarheid welken de wereld niet kan ontvangen. (Joh. 14:16, 17).

Sluiten