Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jezus beloofde Dezen aan Zijne discipelen als den Trooster, als Zijn Plaatsvervuller. Hij zou hén geen weezen laten. Die zou hen in alle waarheid leiden: „want Hij zal het uit het Mijne nemen, en Hij zal het u verkondigen." Joh^.16 : 12. En is dit niet op den Pinksterdag en in geheel de apostolische loopbaan der discipelen vervuld? En werkt nog diezelfde Geest niet in de gemeente, overtuigend, levenswekkend en verzegelend in de harten van Gods kinderen? Of was dit niet de overtuigende kracht, die u niet alleen uit de wereld en de macht der duisternis uitleidde, maar u met uzelven bekend maakte, gij, als een brandhout uit het vuur gerukte zondaar of zondares? Was dit niet de innerlijke overreding uwer ziel, waardoor gij als uit uwe onreinheid en melaatschheid gewezen werd op de macht en de Godheid van dien grooteh Hoogepriester, die alleen redden en helpen kon? Was het niet die onverklaarbare aandrang in uw gemoed, dat u telkens op de knieën bracht, dat uw zielsoog op dien Christus richtte, dat u deed opzien naar den hemel gelijk de discipelen op den Olijfberg, dat u deed worstelen en aanhouden in den gebede bij den troon Zijner majesteit, met het „ach! en o! Heere!" Het was ook daar een verborgen strijd; de beschuldiger hield niet op, bleef aanklagen, op uwe onreinheid wijzen; zijne vurige pjjlen spaarde hij niet. En toch kwaamt ge niet om, maar bleeft behouden; waardoor? Door eigen kracht of waardigheid? Keen, er was eene verborgen hand, die u steunde. De doorn werd nog niet geheel uit het vleesch genomen, maar toch olie in de wonde gedaan. De nood werd niet geheel opgeheven, maar ge ontvingt toch kracht om voort te gaan. Wellicht ontvingt ge een lichtstraal in uwe duisternis, eene hoorbare stem, die tot u sprak: „Wees welgemoed!" Of de vraag: „Wat wilt gij, dat Iku doen zal?" Het kan zijn, dat nog meerdere ontdekkingen u geschonken zijn; dat de Satan gescholden werd, of „Ik ben het, die uwe overtredingen uitdelg" door u gehoord werd; het „leef in uwen bloede" werd verstaan; begrepen, dat de heerlijkheid en

Sluiten