Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den oprechte van harte, want wat men ook denken moge van de uitkomst hunner wandeling, — het einde van dien man zal vrede zijn. De Heere heeft mij geleerd van mijne jeugd aan, en tot nog toe verkondig ik Zijne wonderen. En dat — Gode zij dank! — niet uit kracht van opvoeding, of omdat ik het van vrome leeraars en schrijvers heb overgenomen, neen, daarin vindt de beladen zondaar geen rust voor zijne vermoeide ziel; het moet Jezus zelf zijn en Jezus alléén. En wijl ik van den Heere geleerd ben en door Zijnen Geest geleid, daarom mag ik niet vertragen, zoolang ik nog op aarde verkeere, mijne medereizigers op te wekken en aan te sporen om den Heere aan te hangen en lief te hebben in onverderfelijkheid. De oogen des Heeren zijn op de rechtvaardigen en Zijne ooren tot hun geroep. En waar nu de Heere Jezus door het geloof in het harte woont, — daar is ook geen verdoemenis voor degenen, die in Christus Jezus zijn, die niet naar den vleesche wandelen, maar naar den Geest. Want zoovelen als er door den Geest geleid worden, die zijn kinderen Gods, en naar waarheid mag ik het betuigen: ook ik heb ontvangen den geest der aanneming om Zijn kind te zijn, door welken ik roepe : „Abba, Vader!" — Die Geest getuigt met mijnen geest, dat ik Hem toebehoor, een erfgenaam Gods en een mede-erfgenaam van Christus. Daarom is het lijden van dezen tegenwoordigen tijd niet te waardeereü tegen de heerlijkheid, die aan de kinderen Gods zal geopenbaard worden. Alzoo in hope zalig! En de Apostel schrijft: „Blijf gij nu maar in hetgeen u geleerd is en waarvan u verzekering gedaan is, wetende van Wien gij het geleerd hebt en dat gij van kinds af de Heilige Schriften hebt geweten, die u wijs kunnen maken tot zaligheid door het geloof, hetwelk in Christus Jezus is."

En nu, alle instrument, tegen u bereid, zal niet gelukken De Heere is een vurige muur rondom Zijn volk, en geen verscheurend gedierte zal één van Zijne schapen kunnen verslinden.

Sluiten