Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van een vlas- of henneptampon, veroorloofd was, n.1. i), als zij haar twaalfde levensjaar nog niet had bereikt, ten einde haar leven door baring, niet in de waagschaal te stellen; 2), als zij een kind zoogde, dit niet vóór den bestemden tijd van zijn voedsel te berooven; en 3), als zij zich zwanger waande, deze graviditeit niet opgeheven wierd.

In het oude Griekenland hadden de staatslieden en wijsgeeren reeds vroegtijdig de neiging der bevolking, zich boven de voldoende mate van voedingsmiddelen te vermeerderen, opgemerkt. Zoo liet solon's wet reeds den kindermoord toe. De wijsgeer Plato ried der Overheid de vermeerdering der burgers te regelen, en eene onbehoorlijke toename te verhoeden, waarom men dan ook alle zwakke kinderen dooden zou. aristoteles daarentegen sloeg, met dit doel, voor, de mannen niet vóór het zeven en dertigste, en de vrouwen niet vóór het achttiende jaar tot het huwelijk toe te laten (geretardeerde huwelijken). Daarenboven moest elke vrouw slechts tot de baring van een zeker beperkt aantal kinderen — weinig kinderen (oligotecnie, oiigopaedie) — bevoegd zijn. Werd zij hierna nog zwanger, dan moest die vrucht afgedreven worden. Hij motiveerde die voorschriften met de overweging, dat als iedereen te dien opzichte vrij was, en in de meeste staten naar goedvinden veel kinderen werden voortgebracht daaruit noodwendig armoede — de moeder van misdrijf en oproer — moest ontstaan. Over het algemeen vond het voorkomen der conceptie bij de Grieken in zeer ruime mate toepassing, daar hunne wijsgeeren dit onderwerp dikwerf ter sprake brengen.

In het oude Rome schijnt men, met betrekking hierop; strenge voorschriften te hebben gehad. De vrouw van wie bewezen werd, dat zij de bevruchting verijdeld had, werd als eerloos gebrandmerkt, en, volgens eene oude wet, die reeds door Numa pompilius gegeven was, mocht zij het altaar der godin Juno, de schutspatrones der geboorten, niet meer naderen, voor zij haar misdaad door de offering van een wit lam gezoend had, waarbij zij deze moest bijwonen met loshangende haren. Volgens Valerius Maximus waren ook de mannen, wanneer zij een huwelijk wilden aangaan, gedwon-

Sluiten