Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aantal geneesheeren, dat, door mensinga's voorbeeld gedreven, de vrouwen het geregeld gebruik van eenig conceptiewerend middel aanbeveelt, neemt dan ook meer en meer toe. Ferdy merkt hierbij, zeer terecht, op, dat al die geneesheeren stilzwijgend bewijzen, de leer van malthus te zijn toegedaan.

Het is thans evenwel nog zeer te betwijfelen, dat het mensinga gelukken zal deze sexueele beperking bij de lagere volksklassen gereeden ingang te doen vinden, want velen wijzen het middel, als te behooren tot de leer van malthus, nog onverbiddelijk af. Verder is het een zeer wijs woord van een groot menschenkenner, als hij zegt: »6fl zult het volk nimmer overtuigen, dat buiten D, iemand te veel op de wereld ie f eene waarheid, welke ook in Mensinga's uitspraak ligt: De arme zal gelukkig zijn met dat, wat hij heeft, als hij niet behoeft te verhongeren," en zoolang hij dat niet moet, blijft hij bij zijn gewoon kinderenvoortbrengen.

De fout eindelijk, welke mensinga niet ontgaan kon, is eenvoudig, dat men gewoon is, hem alleen als de toonaangevende aanhanger van bet Neo-Malthusianisme te beschouwen, omdat men te weinig inziet, dat zijn strijd hoofdzakelijk gericht is tegen den huwelijksnood. Onder Nfeuw-Maltbusianisme toch verstaat de groote menigte — met terzijdestelling van de beweegredenen — handelingen van een echtpaar, dat zonder verwaarloozing zijner huwelijksplichten, onder gebruik van verschillende voorbehoedmiddelen, niet zooveel kinderen voortbrengt, als waartoe het in staat is. Met andere woorden, men verbindt mensinga's motief met alle sociale beweegredenen, welke de Reo-Malthusianfsten aanvoeren ter conceptieverhindering bij het matrimonieel geslachtsverkeer; en ook hij moet zich derhalve alle verwijtingen getroosten, welke door de moralisten aan het Nieuw-Malthusianisme gedaan worden. De regeeringen in de hierboven genoemde landen laten eenparig deze beweging haar vrijen loop.

Sluiten