Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en zorgen; hoe menigen bekommerde heeft zij bemoedigd; hoe menigen bedroefde met troostwoorden.Gods getroost; hoe «menigen lijder tot geduld en vertrouwen gesterkt; voor hoe menigeen in de donkerste ure des levens een heerlijk liobt doen opgaan!

Geruimen tijd geleden istierf een Engelsen zeeman, die aan de zijnen o. a. een ouden Bijbel naliet. Op het schutblad stond aangeteekend: dit boek heb ik als kind op school ten geschenke ontvangen; 53 jaren lang, waarvan ik er 41 op zee doorbracht, was hij mijn trouwe reisgezel; gedurende dien tijd was ik in menigen zeeslag, kreeg 13 wonden, driemaal leed ik schipbreuk; eens verbrandde ons schip; tweemaal sloeg onze boot om; 15 maal ben ik meer of minder ernstig krank geweest; maar onder dit alles was de Bijbel mijn troost!

O, wat zal de eeuwigheid nog openbaren, aangaande de schatten van vertroosting en heil, door den Bijbel verbreid. Ja, overal heeft hij zijne roeping, vindt hij zijn' werkkring, en niet het minst daar waar ellendigen zijn. Armen zoekt hij op in hunne schamele hut, en doet hen in den weg van Gods getuigenis vroolijker zijn dan over allen rijkdom; kranken bezoekt hij, en spreekt hun van meer dan één genezing; gevangenen zoekt hij op, en spreekt hun van vrijmaking; tot strijders spreekt hij van den Verlosser, en van zijn kruis en van zijnen vrede; tot strijders, ook in den eigenlijken zin des woords. Nooit zal ik vergeten, hoe eens op een slagveld het lijk van een' jongeling gevonden werd: de kille, doode vingers omklemden nog het half geopend N. Testament, dat hem zijne .moeder in den krijg had meegegeven.

Nog eens: eerst de eeuwigheid .zal openbaren, wat dat

Sluiten