Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nen! Ec om te beweren, gelijk velen doen, dat deze verandering niet afdoet aan hev wezen of de beteekenis der zaak — dan mag dit van de kin derbesprengiog waar zijn; want bet wezen daarvan is inbeelding en de beteekenis eene hersenschim — maar om dit Van den door Christus ingestelden doop der geloovigen te zeggen, werpt men eenen blaam op de wijsheid van Hem, "in denwelken al de schatten der wijsheid en der kennis verborgen zijn," en die overeenkomstig de diepe beteekenis des doops de indompeling verordend heefc. Het onfeilbaar Woord Gods leert ons, dat Zijn Doop de begraving is van onzen ouden mensch, die met Christus gekruist is, en de zinnebeeldige opwekking van den nieuwen mensch om voortaan in nieuwigheid des levens te wandelen, door het geloof der werking Gods, die Hem uit de dooden opgewekt heefc. Zoo min nu, ale het bestrooijen van het voorhoofd van een dood ligchaam met een handvol aarde eene begraving is, zoo min is de besprenging van het voorhoofl een doop/

Het Verbond der Besnijdenis. *)

"Zegt mij, gij die ouder de wet wilt zijn, hoort gij de wet niet ? Want er is geschreven, dat Abraham twee zonen had, eenen uit de dientsmaagd, en eenen uit de vrije. Maar gene die uit de dienstmaagd was, is naar het vleesch geboren geweest ; doch deze die uit de vrije was, door de beloftenis. Hetwelk dingen zijn die andere beduiding hebben; want deze zijn

BETWEE VERBONDEN,

het eene van den berg Sina, tot dienstbaarheid barende het andere

Jeruzalem dat boven is, hetwelk is onzer aller moeder Maar wat zegt

de Schrift? Werp de dienstmaagd uit, en haren zoon: want de zoon der dieLstmaagd zal geenzins erven met den zoon der vrije. Zoo dan, broeders t wij zijn geen kinderen dor dienstmaagd, maar der vrije. Staat don in de vrijheid, met welke ons Christus vrijgemaakt heeft, en wordt niet wederom met het juk der dienstbaarheid bevangen. Ziet, ik Paulus zeg u, zoo gij u laat besnijden, dat Christus n niet nut zal zijn" Gal. 4:21 en 5:1-3.

De vier Evangelisten hebben ons een naauwkeurig en onfeilbaar verslag gegeven, "van al hetgeen Jezus begonnen heeft beide te doen en te leeren, tot op den dag in welken hij opgenomen is, nadat Hij door den Heiligen Geest aan de Apostelen die Hij uitverkoren had, bevelen had gegeven." (Hand. 1: 1,2) Deze afscheids bevelen zijn ons door Mattheus (28:18-20)

*) Dit is gedeeltelijk een uittreksel uit het Engelsen van J. Torrey Smith, A. M.' getiteld "The Covenant of Circunicision" uitgegeven door het Am. Baptist. Pub. Society, Phila.

Sluiten