Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dit verbond de twee beteékenissen, natuurlijk zaad en kinderen door geloof; en dan nemen zij het tweede van deze beteékenissen en yerdeelen het andermaal in eenen dubbelen zin, t.w. geloovigen uit de Heidenen en hun natuurlijk zaad! Opdat ik duidelijk verstaan worde, zal ik dit voor betoog blootleggen. In Genesis 17 vinden zij:

( 1 Abrahams natuurlijke nakomelingen Zaad -] ( 3 Geloovigen uit de Heide-

( 2 Zijne kinderen door geloof uit Israël J. nen

( 4 Hun natuurlijk zaad.

Eene dubbele beteekenis te vinden bij de uitlegging der Schrift, is zeer algemeen geweest, doch deze soort van uitlegging is bijna of geheel uitgestorven. De Zwedenborgianen, als ik het wel heb, verklaren de geheele Schrift in eenen drievoudigen zin, maar van eenen vierdubbelen zin hebben wij, geloof ik, geen voorbeeld dan in de uitlegging der kinderdoopers van het verbond der besnijdenis. Indien wij echter dit verbond uitleggen 'naar den duidelijken inhoud der woorden, alsmede volgens de beginselen, op welke Paulus andere aan Abraham gedane beloften verklaart, dan moeten als van zelve alle denkbeelden, zij het van eenen dubbelen of viervoudigen zin, wegvallen. In Galaten 3: 16, waar Paulus de groote belofte des nieuwen verbonds aanhaalt, verklaart hij uitdrukkelijk, dat het woord zaad in die belofte slechts één zin heeft. "Hij zegt niet: en den zaden, als van velen; maar als van een: En uwen zade; hetwelk is Christus." Zoo ook hier in dit verbond, als het natuurlijk zaad bedoeld is, dan is het !t geestelijke niet; en indien het geestelijke bedoeld is dan is het 't natuurlijke niet! Maar uit het laatste gedeelte van Gen. 17 blijkt het nog duidelijker, dat in dit verbond alleen van Abrahams natuurlijk zaad de rede is. In het 16de vers wordt verklaard, dat Sara eenen zoon zal hebben, en dat zij tot volken worden zal; Koningen der volken zullen uit haar worden; zoodat wie ook het zaad waren, dat aan Abraham in dit verbond beloofd was, zij zouden afkomstig zijn van Sara. Maar Abrahams geestelijk zaad is niet door eene natuurlijke voortteeling afkomstig van Sara, maar door eene geestelijke geboorte van Christus: "Indien gij van Christus zijt, zoo zijt gij Abrahams zaad." Nogmaals wordt in vers 19 en 21 de belofte herhaald in betrekking tot de geboorte van Izaak, en Abraham wordt verzekerd, dat het zaad, met hetwelk God dit verbond maakt of oprigt, zijne natuurlijk van Izaak afstammende nakomelingen zijn; en hierdoor werden dus niet slechts de Heidenen van de voorrechten van dit verbond uitgeslo-

Sluiten