Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kening kan aldus opgegeven worden: Abraham was 75 jaren oud, toen hem de belofte gegeven werd, Gen. 12: 4. Hij was 100 jaren oud, toen Izak geboren werd, Gen. 21: 5, Izak Was 60 jaren oud, toen Jacob geboren werd, Gen. 25: 26. Jacob was 130 jaren oud, toen hij afging in Egypte Gen. 47: 9. Wij hebben dan.

Van dat Abraham geroepen werd, tot op de geboorte van Izak, 25 jaren Van de geboorte van Izak tot op de geboorte van Jacob, 60 "

Van de geboorte van Jacob tot het afgaan in Egypte, 130 "

Geheel verblijf in Kanaan,' 215 " Volgens Exodus 12: 40, was het geheele verblijf in Kanaan en Egypte 430 jaren. *) Indien wij nu van het geheele verblijf 215 jaren aftrekken voor hun verblijf in Kanaan, dan hebben wij 215 jaren voor hunne inwoning in Egypte. Deze twee te zamen voegende, hebben wij 430 jaren van dat Abraham geroepen werd tot op het geven der wet. Het verbond derhalve waarvan hier gesproken wordt, moet aan Abraham geopenbaard zijn, toén hij 75 jaren oud was; maar het verbond der besnijdenis is met hem gemaakt toen hij 99 jaren oud was, Gen. 17: 1, of 24 jaren later, dat is 406 jaren voor het geven der wet, in plaats van 430. Paulus heeft dan nadrukkelijk verklaart, dat het verbond der besnijdenis geenszins het genade verbond is, door den juisten tijd aan te geven wanneer het verbond der genade aan hem geopenbaard was. Doch indien hij ze ook niet zoo zorgvuldig uit elkander gehouden had, zoo moest het toch een ongemeen onachtzaam lezer van den brief aan de Galaten zijn, die Paulus schuldig veronderstellen kon aan zulk eene in het oog loopende onbestaanbaarheid, als het verwarren van deze twee verbonden na zich slepen moest. Onze

*) In Hornes' Introduction to the critical stmdy of Ihe Holy Sariptitres (Carters ed.) Vol. 1 pag. 287, staat als volgt: "In Ex. 12:40 lezen ■wij: de tijd nu der inwoning, dien de kinderen Israels in Egypte gewoond hebben, is 430 jaar — maar dit is niet waar; want het waren slechts 215 jaren; en het wedt rspreekt Gal. 3:17, waar gezegd wordt, dat het slechts 430 jaar was van dé roeping van Abraham; waarvan 215 jaar verliepen voor het afgaan naar Egypte. Wij laten hier het vers volgen, gelijk het staat in al de Samaritaansche handschriften en uitgaven der vijf boeken Motos, bevestigd door het Alexandrijnsche handschrift der Septuaginta :]De tijd nu der woning, dien de kinderen Israels en hunne Vaders in het land Kanaan en in Egypte gewoond hebben, is vierhonderd en dertig jaar. Dit is de ware lezing, en verwijdert alle twijfel en duisternis."

Ik wil hier vorder nog bijvoegen, dat het uit het geslachtregister van Levi duidelijk is, dat de Israëlieten niet boven de 215 jaren in Egypte gewoond hebben. Wij zien uit Gen. 46:11» dat Kehath, de zoon van Levi, reeds mede uit Kanaan naar Egypte kwam. En de eerstgeborene van Kehath was Aairam Ex. G: 17. En Amram was de vader van Mozes en Aaron, Ex. 6:19.

Sluiten