Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

"dan op de gemeentelijke vergadering hadden moeten tegenwoordig zijn, die na tevoren bekend gemaakt te zijn, "wettiglijk gehouden is."

Dit stuk was onderteekend door alleen leden.

Nadat de kerkeraad beide kanten van de zaak breed en lang besproken had, kwam men tot het eenparig besluit om 26 Maart en 2 April het volgende af te kondigen:

"Naar luid van de wet, waaronder de Holl. Chr. Geref. "Kerk alhier gëincorporeerd is, moet de gemeentelijke vergadering van Maart beschouwd worden als niet bestaanbaar voor onze landswetten. Als christenen nu mogen "en willen wij niet onwettige dingen doen. En overmits de "christelijke school in't midden dezer gemeente eene gedurige oorzaak van oneenigheid oplevert, en overmits het "christenplicht is om in onderlinge eensgezindheid in de "gemeente des Heeren te leven, zoo heeft de kerkeraad paar "een middel gezocht eri het ook gevonden wat de bestaande "oneenigheid uit den weg kan ruimen, indien de gemeente "het wil. Uw kerkeraad heeft daarom besloten op zijn "jongstgehouden vergadering om nogmaals een gemeente'Tijke vergadering bijeen te roepen in den wettigen weg, en "en wel op Woensdag, 5 April, om 2 uur. Het doel van den "kerkeraad is om alsdan het voorstel voor de gemeente te "brengen om school en kerk formeel en wettig van elkander "los te maken en daarna eene Vereeniging voor Christelijk "Onderwijs op te richten, die dan de schoolzaak geheel op "zich neemt. Geheel de. kerkeraad, niemand uitgezonderd, "ziet in dezen stap alleen de mogelijkheid om uit de moeie"lijkheden te geraken, die tot dusverre het één-zijn van "de kerk en school hebben opgeleverd. Indien er nu ie"mand mocht zijn, die het voorgelezene niet goed begrijpt, "dan ga men niet overal loopen te praten, maar dan wende "men zich direct tot den leeraar of één der andere kérkeraadsleden."

5 April waren de lieden van het eerste protest sterk vertegenwoordigd, die van het tegenprotest heel zwak. De president stelt het voorstel des kerkeraads aan de orde. Doch of er lang of kort over gesproken werd en hoe hij ook trachtte de zaak toe te lichten, in geheel de vergadering was niemand, die het voorstel ondersteunde. Wij konden dus met onverrichte zaken huiswaarts, keeren. De president maakte daartoe aanstalten. \^ >

Maar ja wel! Onze broertjes stonden op en wilden wat anders! En wat dan wel? Verleden jaar (1892) was er een regel gemaakt, dat men den onderwijzer vier weken van te-

Sluiten