Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geven om eens een pleizierreisje naar Grand Rapids te maken.

Op de mededeel ing, dat er menschen uit Kalamazoo op de vergadering zijn die gaarne de Classis wilden spreken, wordt aan Ds. Koster gevraagd of deze lieden ook op den kerkeraad geweest zijn, waarop Ds. S. Koster 't volgende voorleest.'

"Instructie van den kerkeraad der gemeente Noord West "straat, Kalamazoo, Mich.

"Ingeval leden onzer gemeente op de Classis vergadering "van Jan. 28 verschijnen, geeft de kerkeraad bij dezen aan "de afgevaardigden Ds. S. Koster en ouderling J. Kromdijk "het volgende in last.

"1. Dat zij de Classis de toedracht dezer zaak naar waarheid mededeelen. En welke is, als volgt: De kerkeraad "was ter oore gekomen, dat er op onze vergadering van Jan. "15, 1896, een zeker getal leden en doopleden voor den kerkeraad wilden verschijnen met bezwaren en klachten. De "kerkeraad besloot daarom om bijaldien deze personen "kwamen:

"a. Hun naar 't doel hunner komst te vragen.

"b. Om ze alsdan te verzoeken hun geschrift te overhandigen, opdat de kerkeraad het mocht lezen en over kon "boeken in het Notulen boek.^hun belovende dat het hun "weder ter hand zou gesteld worden.

"c. Om ze dan te verzoeken zich te verwijderen naar de "School, die aan de consistoriekamer grenst, alwaar voor "vuur en licht was gezorgd.

"d. Om ze dan één voor één te laten voorkomen om met "elk persoonlijk te handelen.

"De kerkeraad had voor dit besluit zijn goede redenen:

"a. Gods Woord leert oris in 1 Cor. 14: 40 "dat alle din"gen eerlijk en met orde moeten geschieden" van welke "plaats de kantteekenaars leeren, dat dit beteekent: "zonder verwarring, elk op zijn behoorlijken tijd, beurt en "plaats." '-ovVi-

"b. De bovenste artikelen waren samengesteld op onkerkelijke vergaderingen die men zonder officieele kennisgeving aan den kerkeraad had gehouden. Zie D. K. O., Art. "29.

"c. Daar er zekere personen in de gemeente waren rond"gegaan om menschen te overreden tot het bijwonen dier "onkerkelijke vergadering, die er niet aan dachten om iets "voor den kerkeraad te brengen, zoodat wij mochten aanne"men, dat vele onschuldige zielen misleid waren.

"d. Wij wisten dat de namen, die onder dit artikel voor-

Sluiten