Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TEKST:

JoHANNES X : 14. „IK BEN DE GOEDE HERDER."

Welk een liefelijk woord klinkt ons daar in de ooren, gesproken door Hem die van den Vader werd gezonden om der waarheid getuigenis te geven! De aanleiding tot de zamenspraak, waarin deze betuiging van den Heiland aangaande zich zeiven voorkomt, was de opening der oogen van den blindgeborene, Hoofdstuk IX. Gelijk steeds, nam de Zaligmaker ook die gebeurtenis te baat den bijstanders eene grondwaarheid van het Godsrijk te verkondigen: dat de mensch, ieder mensch, geestelijk blind is, tot dat Hij, die eenmaal sprak, „er zij licht" de oogleden ontsluit om de stralen op te vangen van het licht dat van boven schijnt. Dit was eene ergernis voor de farizeën, die in hunne blindheid (bij blinden ontwikkelt zich de verbeeldingskracht bijzonder levendig), zich hadden diets gemaakt dat hun blik door niets werd belemmerd, maar onbeneveld kon weiden in de diepste verborgenheden der goddelijke waarheid; en toch, de waarheid zelve verwierpen zij, en bovendien stelden zij het volk, waarvan zij zich de herders achtten, aan gevaar en geweld bloot, door als dieven en moordenaars te stelen en te slagten, in plaats van de kudde te weiden', of voor het minst, door te vlugten als huurlingen wanneer zij den wolf zagen aankomen.

Sluiten