Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in al hare kunstige geledingen met huwelijk of huisgezin als middelpunt moeten zijn ingericht. En juist tot die studie komt het zoo weinig; bij den één door tijdgebrek, bij den tweede door onverschilligheid; bij den derde door de inbeelding, dat zij overbodig is, want — de „Inwendige Zending" is er immers, die thans zelfs een „Tijdschrift" bezit.... En toch, Gods Woord alléén reeds is zóó rijk, waarlijk niet alleen op geestelijk, maar ook op aardsch, tijdelijk, geldelijk gebied, voor akker en studeertafel, kantoor en winkel, rechtszaal en gasthuis, keuken en markt. Hoe weinig valt nu juist in onze prediking het licht des Heiligen Geestes daarop, ook wanneer juist niet Zondag 39 - 43 aan de orde zijn. Alzoo werkt de Binnenlandsche Zending bedervend door in ons, die juist „als voorbeelden der kudde" gesteld zijn, de beroepstrouw te verzwakken en ons tevens het heerlijk Herdersambt alleen in het weiden der schapen, te weinig ook in het hoeden tegen de gevaren, die allerwegen hen bedreigen, te doen zoeken.

Naast het ambt van herders en opzieners kennen de Gereformeerde kerken nog een ander, waaraan in 't bijzonder de praktijk der barmhartigheid van wege de kerk is toevertrouwd door haren Koning. Helaas! dat moet worden bekend, dat de Binnenlandsche Zending vooral de diakonieën in discrediet heeft gébracht.

Intusschen ook hier, gelijk én bij de Predikanten én in andere opzichten, zooalswij telkens zagen, ligt de schuld oorspronkelijk vooral bij het ambt, waarover thans deze tuchtroede komt. De diakonieën, en met haar de kerk zelve, zijn voor een groot deel oorzaak, dat haar luister thans verbleekt is door de opgaande zon van hare mededingster. Het zou eene afzonderlijke studie vereischen volledig historisch de opkomst, den bloei en de taning van de diakonieën te beschrijven. Thans slechts enkele opmerkingen.

Het strekt der gereformeerde belijdenis tot eere, het is een bewijs, van haar gezond veelzijdig leven, dat het ambt der diakonie ten deele in de oude Christelijke kerk, daarna in de Roomsche kerk bedorven, tijdens de Reformatie niet in de Luthersche, maar juist in de Gereformeerde kerken hersteld is. Gelijk ik blz. 38 reeds opmerkte, in de Roomsche en Luthersche kerk beide bestaat de naam diaken in gansch anderen zin dan bij ons1), en zoo was het ook mogelijk, dat Wichern voor de arbeiders op het gebied der „Innere Mission" dezen naam kon invoeren, welke anders tot ver-

1) Cf. Herzog: Beal-Encyclopaedie (laatste uitgave) III p. 578-581: Diakon.

Sluiten