Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

betoogd hebben) God als een Gfod van liefde en ontferming, die zondaren wilde zaligen door de zaligmakende komst van Zijnen Zoon, in zijn eeuwige raadsbeschikking onmogelijk zulk een besluit kon genomen hebben. Zou Hij dit hebben gedaan, waarom dan zondaren van tijd tot tijd zoo dringend uit te noodigen om zich te bekeeren en in Hem en in Christus Jezus zijn geliefden Zoon te gelooven om vergeving der zonden en het eeuwige leven te verkrijgen?— Daarom is dit leerstuk voor de zoodanigen als het ware een rots der ergernis en een steen des aanstoots geworden; weshalve zij gelijk zijn aan drenkelingen die in een draaikolk gekomen, er moeilijk kunnen uitgehaald worden zonder de tusschenkomst van de reddende hand Gods. Geenszins wil ik het ontkennen, dat ik voorheen in het geheel niet van deze zienswijze was. O neen! zeer goed ben ik mijzelf bewust, hoe dat ik het gedurig als geheim moest houden, dat deze leer mij als een bode van verschrikking in den weg stond. Doch na jaren van veel ondervinding — niet dat ik daarop voor mijzelf roemen wil, neen! God weet het! ook ik mag smet Paulus zeggen: „die roemt, die roeme in den Heere," — ben ik door de genade Gods — niet door menschelijke philosophie — én door verdere beoefening en bevinding, tot dit volgend besluit geleid geworden. De Heere Jezus heeft ons niet geleerd om eerst te beginnen met aan ons zei ven te vragen: „ben ik wel uitverkoren?" maar wel heeft Hij Zijne Goddelijke leer aangevangen, zooals we reeds vroe-

2

Sluiten