Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Veel hoop geeft onze tekst. Een schare, groot en ontelbaar, èn wegens de menigte èn door haar gestadigen aanwas, is in den Hemel; dus behoeft niemand te denken: het is voor mij toch niet; ik zal er niet naar jagen; het ware maar vergeefsche moeite. Ai mij, dat ware dwaze taal! Waar zoovelen toegelaten worden, kan niemand met grond denken, uitgesloten te zijn. Evenwel, tot zorgeloosheid geeft Gods Woord geene aanleiding. De schaar der gezaligden is groot; en toch staat er Matth. 7: 23, 14: „Gaat in door de enge poort; want wijd is de poort en breed is de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die door dezelve ingaan; want de poort is eng en de weg is nauw, die tot het leven leidt, en weinigen zijn er, die denzelven vinden." Die zalig worden, hoe ontelbaar velen ook, komen allen door de enge poort en langs den smallen weg, en zij zijn weinigen in vergelijking met de velen op den breeden weg.

O Toehoorders! Verloren gaan, voor eeuwig, dat zal wat in hebben. Al zijn er daar nog zoovelen, dat zal den toestand niet verzachten, wel verergeren. Die in de helle zijn, zouden gaarne wederkeeren, en zouden het allerzwaarste lijden in deze wereld verkiezen, boven hun rampzalig lot.

't Is waar, velen zijn geroepen, weinigen uitverkoren, deze gedachte kan iemand wel schokken, en toch zij moet ons niet moedeloos maken. Wel kan en moet zij de slapenden wakker schudden, wanneer wij bedenken dat om volkomen rust te kunnen hebben, de mensch zich als een van God uitverkorenen moet kennen. Dit is waar. Maar dit moet niemand werkeloos maken, want de verkiezing Gods is wel zijne maar niet onze regel en zij dient verder voornamelijk om den geloovige te bevestigen in zijn heilstaat. Voor ons is het Woord, het Evangelie, en de Wet daaraan dienstbaar, om ons vatbaar voor het Evangelie te maken, en vooral de belofte: die zoekt vindt; die om den Heiligen

Sluiten