Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

plaats Perez-Uza noemde, tot op dezen dag. Thans is het geheel anders. Wij vinden hier de woorden van David, bij een andere gelegenheid gesproken, bevestigd: „Eer ik verdrukt was, dwaalde ik, maar nu onderhoud ik uw Woord." (Ps. CXIX : 67.) De Heer is aan zijne zijde en tegen zijne vijanden, en David zegt: „God heeft mijne vijanden door mijne hand gescheurd, als een scheure der wateren, daarom noemden zij den naam derzelver plaats Baal-Perazim, (vers 11.) dat wil zeggen: „plaats der doorbraak." En terwijl door de ongehoorzaamheid slechts ééne scheur gemaakt was, zoo zien wij hier door de gehoorzaamheid van David de vijanden verslagen, gelijk een scheur der wateren.

Intusschen ontmoeten wij hier nog een zaak van groote beteekenis ten opzichte van het verschil in het gedrag van den koning, toen hij door ongeloof zijn eigen wil en dien van het volk volgde, of nu in zijne getrouwheid. In het eerste geval was hij zoo verblind en verward, dat hij de Filistijnen — zijne en Gods vijanden — bij het verrichten van het werk Gods zich ten voorbeeld stelde. Nu hij echter in den weg van geloof en gehoorzaamheid aan Gods Woord zich bevindt, wil hij geen van hunne handelingen opvolgen, maar zal zelfs, wat hun het dierbaarst aan het hart is, vernietigen. „En daar lieten zij hunne goden, en David gebood, en zij werden met vuur verbrand." (vers 12.) Hier bemerken wij dus het groote verschil, of een geloovige alleen het Woord Gods opvolgt, of dat hij zich door menschen laat leiden. In het eerste geval is vrede, macht, zekerheid en overwinning zijn deel; terwijl hij in het tweede geval overal door duisternis, verlies, twijfel en radeloosheid beheerscht wordt. O, mochten de kinderen Gods toch de ellende inzien en gevoelen, welke zij over zich gebracht hebben, doordien zij die antischriftuurlijke kerken der menschen ondersteunen, en mochten zij er toch toe komen zich te vergaderen om Hem, die gezegd heeft: „Waar twee of drie in mijnen Naam vergaderd zijn, daar ben ik in het midden van hen." David had de neiging aan den dag gelegd

Sluiten