Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van ons, dat wjj in Doopersche teruggetrokkenheid heil zouden zien. Wij wijzen op deze feiten om te verklaren, dat het geestelijk evenwicht onder ons Gereformeerd volksdeel verbroken is, dat dit leiden moet tot verachtering in teederheid des levens, wijl ook de geestelijke kracht grenzen heeft. En de vrees is niet ongewettigd, dat velen in kerkelnken, politieken of socialen ijver gevaar loopen het woord te vergeten: »Benaarstigt u om uwe roeping en verkiezing vast te maken «.Dorheid in het geestelijke leven, gebrek aan een verborgen leven der godzaligheid is een kenmerk onzer dagen. De Gereformeerde beweging won extensief terrein, maar heeft aan intensieve kracht verloren. En de vraag mag rijzen, of zulk een veelbewogen en toch geestelijk zoo arme tjjd geschikt is de Belijdenis te herzien op een punt nog wel, dat met het politieke leven zoo nauw samenhangt. De vraag is gewettigd, of wij objectieven zin genoeg hebben, of wij geen gevaar loopen, bij een vraagstuk als Art. XXXVI ons voorlegt, om hetgeen in ons politiek streven ons het beste past aan te zien voor de waarheid van Gods Woord. Wij hebben vooral bn vraagstukken uit onzen hedendaagschen strijd zoo licht de neiging de Confessie inplaats van conform den Woorde Gods, conform te maken aan onze tegenwoordige levensspheer. Dat gevaar is er zeker altijd, maar nooit meer dan in woelige dagen.

En daarbij komt nog dit. Is er wel zulk een haast met het aanvatten van deze kwestie? Indien in Art. XXXVI een vraagstuk was weggelegd, dat ten nauwste het geestelijk leven der Kerk raakte, een leerpunt, dat onmiddellijk verband hield met het interne leven der gemeente, dan zou er nog van urgentie sprake kunnen

Sluiten