is toegevoegd aan je favorieten.

Hedendaagsche Adventistische stroomingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sfeer als daarbuiten, hebben die verwachtingen van het toekomstrijk, gecentraliseerd in den Messias, gekend, of liever gekoesterd; het was voor hen een blijde verwachting. In Jezus was een voorloopige verschijning van den Messias hun gegeven, door Zijn persoon en levenswerk was de menschenwereld als het ware bevrucht geworden. Zij moest het nu voldragen en als het geheel rijp was, zou het uitbreken als een nieuwe wereld, waarvan Christus de ziel en het wezen zijn zou. Dat nieuwe Rijk zou in hemel en op aarde omvatten al wat uit Christus was, en in dat Rijk zou de centrale persoon weer de Heer zijn, in een nieuwe verschijningsvorm dezelfde als Jezus, de gekruisigde. Deze nieuwe geboorte is uit den aard der zaak een wereldcrisis met lijden en wee: het oude gaat er in voorbij, een nieuwe hemel en aarde wordt er in wedergeboren.

Tot in de oudste traditie van het Christendom vinden wij deze verwachting zoo uitgesproken: in de eerste Evangeliën aanvaardt Jezus zelf het Messiasschap als een verborgenheid, zij is het geheim van Zijn wezen. De nieuwe wereld is in Zijn persoon in de aarde gezaaid; de discipelen, Paulus, geheel de eerste kring is er zich van bewust in dït proces te zijn betrokken en allen leven in het besef dat er een grootsche daad Gods te komen staat, die de wereld in geweldige krampen tot een nieuwe aarde maken zal. Daarbij zal al wat Gode-vijandig is uitgescheiden, afgedaan en weggestooten worden; het oordeel hieromtrent behoort bij Christus, die de Zijnen kent en uit de gebieden aan deze en gene zijde van den dood verzamelt, die steeds naZijnPaaschverschijningen in meer of minder duidelijke nabijheid met en in de Zijnen leeft en werkt, totdat het groote oogenblik der openbaring (apocalyps) van de nieuwe aarde gekomen is.

De spanning van deze verwachting bracht een sterke bezieling mede om toch vooral met en uit Christus te leven en den groei van het verborgen Rijk te bevorderen. Zooals in alle verwante verschijnselen was het hier: hoe sterker bezieling des te dichterbij dacht men het wereldeinde; en omgekeerd: hoe dichterbij men het wereldoordeel waande,