Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

harte vereenigd is. Maar wat naam zij ook drage, houdt u met mij overtuigd, dat eene theologie, die van zulke beginselen uitgaat, en zulk een ideaal zich voor oogen stelt, nog altijd op eene toekomst kan hopen. Al moest nu en dan haar voorstander een pijnlijke nederlaag lijden, nog altijd zou het hem betamen, naar de zinrijke lofspraak te dingen, die de Romeinsche Senaat, na den noodlottigen slag bij Cannae, den veldheer Terentius Varro waardig keurde, „dat hij aan het behoud des vaderlands niet had gewanhoopt."

Op den weg, dien ik wees, zien wij voorgangers voor ons, wier naam de wetenschap en de kerk des Heeren met üefde en bewondering spelt. Op verren afstand trachten ook wij hun voetspoor te drukken; 't wordt nu ten slotte slechts de vraag, mijne vrienden, of gij ons daarop mede wilt volgen? Ons aangaande, wij zetten hem zonder aarzelen voort, want in menigen toon onzer eeuw, waarin anderen slechts den zwanenzang der stervende Godgeleerdheid vernemen, hooren wij, te midden der schemering, veeleer het hanengekraai, dat den naderenden morgen verkondigt. Maar of die morgen ook voor u de heldere voorbode zijn zal van een rijk gezegenden dag — gij weet zelve, van wie het in de eerste plaats afhangt. In ernstigen tijd en strijd bereidt gij u tot de groote taak van uw leven. O gelooft niet, dat wij verlangen u tot sombere pessimisten, veelmin tot stroeve kamergeleerden te maken; de doctor umbraticus, door Rhunkenius zoo geestig geteekend, is evenmin ons ideaal, als het «we. Wandelt vrij, en vroom, en vroed den dag, die komen zal, tegen; alleen, weet wèl, er is storm aan de lucht, en weest niet als

Sluiten