Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelijk met haar — zooals men immers vaststelt — geantiqueerd zijn! Beweegt men zich in de zoogenaamde moderne d. i. naturalistische wereldbeschouwing, zoodat men het ijzeren deterniinisme voor de hoogste waarheid erkent, ook op zedelijk gebied, dan heeft men niets te preken, tenzij men inconsequent is. Men moge dan hebben wat men wil, maar men treedt niet op met overvloed van stof voor den preekstoel. Welgelukzalig de mensch, die, als hij het christelijk predikambt aanvaardt, met een welgevulden pijlkoker den kamp begint. Elke preek of prediking moet een pijl zijn, (niet een vuurpijl!) gerigt op hetgeen in den zondaar als vijand van God te bekampen is, een pijl, doodelijk voor hetgeen in den mensch vijandig is tegen God, maar tegeüjk genezend en levenwekkend werkende in dat hart, waarin hij diep door moet dringen. Welgelukzalig de eerstbeginnende prediker, die (ik zeg niet een stapel preken meebrengt, want in de stapels preken zit het heil ook al niet, maar —) een overvloed heeft opgegaard, waaruit hij al predikende slechts heeft te nemen. ^Welgelukzalig de jeugdige Evangeliedienaar, die spreekt, omdat hij gelooft, en blijft spreken, omdat hij blijft gelooven; die gelooft in Jezus Christus, Gods eengeboren Zoon, en niet van Hem zwijgen kan; die blijft gelooven in Gods Zoon en die zijne vreugde vindt in het getuigen

Sluiten