Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sigde, in den vollen kchtstralenglans van zijne wereldhistorisclie grootheid geplaatst! — mag de Evangelieprediker dan verklaren: „wij verkondigen Gods wijsheid," de hoorder heeft daar niets beters te doen, dan zich voor die hoogste, voor die hemelsche, voor die Goddelijke Wijsheid neder te buigen, aan haar zich over té geven, in haar al zijne eigene wijsheid te begraven. De wijze buigt en wijkt voor den wijzere. De wijsheid gebiedt, de wijsheid te hooren. Wilt gn* wijs zijn en als een wijze handelen, hoort deze Opperste Wijsheid. Bewaart hare woorden in uw hart Houdt u aan hare uitspraken. Hier is de wijsheid, welke door geen andere overschaduwd wordt, en hier wordt openbaar, of men tot de wijzen dan wel tot de dwazen moet gerekend worden. Want die deze Goddehjke wijsheid niet in hare wijsheid erkent, heeft over zichzelven de staf gebroken, en die wijzer dan deze Goddehjke Wijsheid beweert te zijn, diens dwaasheid behoeft niet meer aangetoond te worden. Zult gij (ik bedoel dezen of genen) dan nu vragen, of gij dan op gezag gelooven moet, dat het apostolisch Evangehe Gods wijsheid is, of de enkele verzekering: „het Evangehe is Gods wijsheid," alles ook voor goed uitmaakt, wij antwoorden: dat is verre. Gij behoeft volstrekt niet op gezag te gelooven, bijv. dat Rafaël niet onbedreven was in de schilderkunst, dat Vondel gansch niet ongelukkig is geweest in de poëzy, of om op een ander gebied te komen, dat de Bijbel inderdaad eenen „godsdienstigen" Geest

2*

Sluiten