Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heid der Kerk aankomt, is en blijft de leervrijheid voor den Evangelieprediker in de Kerk. Die leervrijheid kan toegestaan worden, als het ten eenenmale onverschillig is voor de Kerk, wat er wordt gepredikt; als die Evangelieprediker niet in een officiéél-kerkelijk karakter optreedt. Anders ■— zou men iets soortgelijks op ieder ander gebied dan dat der Kerk voor de grootste dwaasheid houden.

Het punt, waarop men bij de questie over de leervrijheid de aandacht niet altijd genoeg vestigt, is voorts, dat niemand verpligt is Evangelieprediker te zijn of te blijven. Hier kan nooit sprake zijn van gewetensdwang, nooit van dubbelheid van wezen. Van gewetensdwang niet, omdat hij in niets gedwongen wordt, tegen zijn geweten te handelen. Wé Predikant, wiens geweten hem zegt, dat hij toch niet met zulk eene prediking, als waarmede hij optreedt, predikant in de Christelijke Kerk, of in het Kerkgenootschap, waartoe hij behoort, blijven kan, is immers eiken dag in de gelegenheid, om zijn ontslag te nemen. Niemand dwingt hem zijn geweten te bezwaren.

Maar de dubbelheid van wezen dan ? „De Theoloog is vrij, volkomen vrij; de Evangeliedaar is — gebonden. Houdt dan, vraag ik hier, de Evangeliedienaar op Theoloog te zijn, zoodra hij de bediening in eene Gemeente aanvaard heeft? Of moet hij een man zijn met. twee harten, althans een dubbelwezen met twee aangezigten, waarvan hij op zijn studeerkamer het éene, op den preekstoel, in de catechisatiekamer en in den herderlijken omgang het andere ver-

Sluiten