Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Zeg eens eerlijk, Mevrouw, waarom vindt u 't zoo moeilijk uw kind de bijbelsche geschiedenis te vertellen?"

„Wel, dominee, omdat er zoovele verhalen in voorkomen, die ik zelf niet geloof. Daar heb je 't verhaal van de weduwe van Zarfat, van Bileam, van Eliza met de 42 kinderen, om er maar 'n paar te noemen. En toch zijn er zóó mooie onder, dat 'k ze m'n kinderen niet graag zou onthouden. Was 't nu niet de Bijbel, dan zou 'k het heelemaal niet moeilijk vinden. Want dan zou 'k zeggen, dat 't 'n sprookje was. Ik ben namelijk volstrekt niet bang m'n kinderen sprookjes te vertellen, 't Latere leven zal hun fantasie toch al genoeg snoeien 1 Maar de bijbelsche geschiedenis richt zich tot 't hart van 't kind, tot z'n eigenlijk levensmiddelpunt. Ik kan toch moeilijk zeggen, dat 't niet waar gebeurd is! En toch, ik weet bij ervaring, hoe zeer 't doet, wanneer je op lateren leeftijd 'n geliefkoosde bijbelsche geschiedenis als onhistorisch moet opgeven, waar je met je heele hart aan hebt gehangen, omdat je, om welke reden dan ook, persoonlijk er je niet meer in kon vinden. Je probeert dan door allerlei redeneeringen 't nog 'n poosje vast te houden, maar als je redeneeringen noodig hebt om 't vast te hoüden, ben je 't eigenlijk al kwijt. En nu zie ik er tegen op door 't vertellen van de mooie bijbelsche geschiedenis m'n kind diezelfde désillusies te bereiden.

„Ja, Mevrouw, dat is heel moeilijk".

„Ja, en weet u, wat daar nog bij komt? Je hebt onder 't vertellen zoo'n gevoel van onoprechtheid, want je bent bezig je kind een godsdienstig verhaal te vertellen, dat je zelf niet gelooft. Voor je kind is 't niet goed en voor je zelf evenmin. Want bij 't vertellen der bijbelsche geschiedenis is 't toch niet om de eene of andere geschiedenis, maar om waarheid te doen!"

Het blijkt dus, dat de vraag naar de wijze, hoe we onze kinderen uit den Bijbel moeten vertellen, niet alleen 'n technische is, maar 'n zedelijke, en daarom 'n heel moeilijke. Als waarheid op één terrein gebiedende eisch is, dan zeker wel op 't terrein van 't godsdienstig leven.

Ik herinner me, hoe 'k als kind den Bijbel heb liefgekregen door verhalen, die ik nu moeilijk meer als historisch kan aanvaarden, maar ik ben overtuigd, dat, had men toen tot me gezegd, dat ik niet moest gelooven, wat me werd

Sluiten