Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bij 't onderwijs uit den Bijbel zoo nu en dan gevoelen, dat 'r nog 'n onafzienbaar veld van onbegrepen dingen vóór hen ligt, waar ze te bestemder tijd zullen worden binnengevoerd. Bovendien is 't me meermalen voorgekomen, dat kinderen wel degelijk toonden iets te hebben begrepen van 't geen ik te hoog voor hen had geacht. Die kleine deugnieten hebben al heel wat theorie van me 't onderst boven gegooid! Laten we toch niet te waanwijs zijn in ons groote-menschenoordeel over onze kinderen!

En eindelijk m'n laatste en tiende stelling: zorg, dat er door uw vertellen van de bijbelsche geschiedenis 'n toon van blijdschap heenklinkt.

De Bijbel is 't boek van 't echte idealisme. In den aanvang lezen we, dat de mensch is geschapen naar Gods beeld en gelijkenis. Toen God met zijn scheppingswerk gereed was, klonk door al het geschapene een loflied te zijner eere. Op zijn woord waren de hemelen uitgespannen en was de aarde gegrondvest op de zee. Dies loofde alles zijnen heiligen naaml De bergen droegen vrede en de heuvelen heilig recht. En als middelpunt dier schepping de mensch, een weinig minder gemaakt dan de engelen en met eer en heerlijkheid gekroond. Daar wordt tegenwoordig in vele kringen van menschelijke wijsheid om gelachen, ,,'t Wereldbeeld der huidige wetenschap heeft ons wel wat anders geleerd !" Sta me toe, nog 'n oogenblik naar m'n ouden Bijbel te luisteren.

Alles ademde vrede, alles jubelde dank.

Doch daar kwam dat vreeselijke, dat onverklaarbare, de zonde 1 De harmonie van Gods schoone schepping verstoord, leed en verderf alom, de mensch van beelddrager Gods een duivel. De glans van de dingen af, 't paradijs verwoest, een aarde voortbrengende doornen en distelen en den mensch het loon van z'n arbeid niet meer gevende.

Adam en Eva uit 't paradijs verdreven I

Kaïn 'n broedermoorder, zwervende en dolende op de aardel

't Menschelijk geslacht steeds goddeloozer wordende, zich zelf zoekende en God vergetende! Het hoorde niet meer 't lied, dat langs de hemelen ruischte, 't zag Gods onzienlijke dingen, zijn macht en goddelijke grootheid niet meer.

Maar God liet de zondige menschenwereld niet los!

Dat is 't idealisme van den Bijbel: God bleef den zondigen

Sluiten