Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aarde die stoelen Davids staan, van welke een rechtvaardig vonnis gestreken wordt! Wat mensch schept er toch behagen in, als hij door het woord des Konings veroordeeld wordt: door 'tgeklank des Konings bestraft. Wie zal gaarne zijn doodvonnis gaan hooren, dat de wet hem brengt! En voorts: wie zou behagen scheppen in het hooren van een woord, dat levend en krachig is, scherpsnijdender dan eenig tweesnijdend zwaard, doorgaande tot de verdeeling der ziel en des geestes en der samenvoegselen en des mergs; een oordeeler der gedachten en der overleggingen des harten? Wie houdt er van, dat hem, als aan de Samaritaansche vrouw, gezegd wordt al wat hij gedaan heeft! Wie is er op gesteld, dat hem 't verborgene zijns harten bloot gelegd wordt: en 't ongenoegen Gods er aan verbonden! Wie is er gesteld op zulk een nauwe tucht, als de Heere in zijn Zion, in zijnen naam, wil geoefend hebben. De zondaren te Zion bedanken er voor: de huichelaren haten deze stoelen van Davids huis in hun hart. Ze zijn den zondaren tot verschrikking. Beving grijpt de huichelaren aan. Ze zeggen: Wie kan 't daar uithouden! „Wie is er onder ons die bij een verteerend vuur wonen kan? Wie is er onderons, die bij een eeuwigen gloed wonen kan?"

Nochtans, ziehier hoe 't met de ware Zionieten is, voor zooverre de nieuwe natuur, die ze in de gemeenschap met Christus hebben, zich uitspreekt. De ware Zioniet bemint niet 't minst daarom de stad Gods: omdat de Heere zijn troon op gerechtigheid en gerichte heeft gegrond. Een ziel, die aan de schandelijkheid harer zonden ontdekt wordt, ze wil van geene behoudenis weten, zoolang ze Gods recht niet voldaan ziet, zoo lang ze" Gods gerechtigheid niet triomfeerende ziet in de offerande van Jezus Christus; ze begeert gezegend en gezaligd te worden, maar door gerechtigheid. En in de verlossing , die in Christus Jezus is, erkent ze een betooning van Gods rechtvaardigheid. En voorts ook in 'talgemeen: 'tleven, dat uit God is, zal zich openbaren in een kostelijk achten van de bestraffingen door 't Woord en van de tuchtroede des Heeren, die tot bekeering leidt. Laat onze ziel dan de stoelen van 'thuis van David beminnen. Het oordeel, dat van daar voortkomt, is tot zegening voor degenen, die er hartehjk onder

Sluiten