Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

houden; is ook het eerste Christelijk Sociaal Congres voorbereid; kwamen allerlei mannen van naam uit ons land om met hem te spreken; geleerden en Staatslieden en óók eenvoudige broeders, die in den strijd hun taak en plaats hadden.

Hoe lokt het me aan, om iets te vertellen van de huiskamer, maar de bescheidenheid heeft harè eischen. Doch wie Dr. Kuyper ooit gezien heeft aan de huistafel, te midden van zijn gezin, door echtgenoote en kinderen omringd; vroolijk, jong, krachtig, voor ieder een vriendelijk woord of een kleine plagerij over hebbende, hij ontving den indruk van een gelukkigen huisvader, in 't geheel niet door zorgen en moeilijkheden gekweld; en toch was hij toen Hoofdredacteur van De Standaard, van De Heraut; Hoogleeraar aan de Vrije Universiteit; Lid van de Tweede Kamer; voerde hij een zeer uitgebreide correspondentie met binnen- en buitenland; stond hij aan 't hoofd van de Antirevolutionaire partij als Voorzitter van het Centraal Comité; was hij Voorzitter van Nederland en Oranje te Amsterdam; de ziel van de Kerkelijke beweging in die dagen; Voorzitter van den Nederlandschen Journalistenkring en kwam men van heinde en ver om hem raad en hulp te vragen.

Aan dien tijd terug denken is terug denken aan den glorietijd van Dr. Kuypers arbeid. Wie het voorrecht had hem toen gade te slaan van nabij, werd met diepen eerbied vervuld voor den reuzenarbeid, door dezen man verricht. Welk een genie en welk een werkkracht; welk een vastheid van doel; welk een onverzettelijkheid van wil; het ging om groote, om heilige goederen; of, laat me het kort zeggen met den titel van zijn eerste Hoofdartikel in De Standaard van 1 April 1872, het ging in den diepsten grond der dingen om de eere Gods op alle terrein van het leven.

In later jaren verhuisde Dr. Kuyper naar de Keizersgracht, waar zijn woonplaats niet lang gevestigd bleef. In 1901 tot de vorming van een Kabinet geroepen, trok hij naar Den Haag, en vestigde zich in de Kanaalstraat 5, waar hij nu zoo ernstig krank is.

Hier zijn het ook groote dagen geweest, en daar, in de Kanaalstraat, is mede heel wat gebeurd. Niet kalm en rustig was het leven, vooral niet in de Ministerjaren; jaren van strijd en moeite meest; en dus ook jaren van groote krachtsontplooiing. Hij had zijn Universiteitsarbeid los gelaten; zijn hoofdwerk bleef in de politiek; De Heraut verzorgde hij met lust; aan De Standaard arbeidde hij overvloedig; voor het Centraal Comité behield hij alle aandacht en overigens rustte de onvermoeide pen niet; hier werden o.a. geboren zijn werken Antirevolutionaire Staatkunde; Om de oude Wereldzee; enz.

Waartoe al die herinneringen?

Wel, ge begrijpt me wel. Ik kan dat machtige leven niet anders zien dan zoo. Als ik een rustig uur neem, nu we misschien aan 't eind van dit leven staan, moet ik wel terugzien naar wat voorbij

Sluiten