Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toch twee deden van uwen Geest, o Heer! op mij zijn! (*) Van die ure aan heb ik niet opgehouden u, zoo ik hopè, naar de meening en in de kracht diens G-eestes, het Evangelie mijns grooten Zenders te prediken. Ik weet niet, dat ik iets achter gehouden heb, dat ik u niet verkondigd zou hebben den ganschen raad Gods. Ik ben tot n gekomen als van Sinaï, en wetende den schrik des Heeren, heb ik u met het vlammend zwaard der wet van de geslotene poort van het Paradijs zoeken heen te draven naar de geopende poort des behouds. Ik ben tot u gekomen als van Golgotha, en wetende de liefde Gods en de genade van Christus , heb ik u gebeden, als of Christus, ja, als of God zelf door mij bade, Laat u met God verzoenen! Ik heb u alzoo een God gepredikt, die de zonde haat met een oneindigen haat, maar die tevens den zondaar lief heeft met een onuitsprekelijke liefde, waardoor Hij hem op al zijne wegen en paden, op al zijne afzwervingen en afdolingen, nagaat met de onvermoeide en onvermoeibare roepstem der genade: Waarom zoudt gij sterven?

Bij de voorstelling van tien weg des heils, ons door dien God gebaand, heb ik niet gevreesd sommigen te ruim te schijnen; ik heb even weinig geschroomd in anderer oog te eng te zijn: en daarh*, dat men mij wel eens te gelijker tijde beschuldigd heeft van én het eene én het andere te wezen, heb ik eènigen grond gevonden om te hopen, dat ik door Gods hulp daarin het gulden midden gehouden heb. Ik heb de gave, hoe gering dan ook, die in mij was, niet moedwillig verwaarloosd; maar ik heb toch naar .iets beters gestreefd, dan om u als een lied der minne, een zanger of luitenspeler te zijn. Ik heb mij in uwe aanmoediging verheugd; ik heb om niemands lof

(*) Tekst der'intreerede.

Sluiten