Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

24

waarachtig geloof, niet zouden voortbrengen vruchten der dank-

b2L3.rli.Gid! r.

Maar niet onze werken, niet onze heiligheid, niet onze vruchten - want de Heere zegt: Uit u in der eeuwigheid geen vrucht! en op een andere plaats: Uwe vrucht is uit Mij gevonden t

Geven wij den toestand onzer kerk Gode in handen zyn raad zal bestaan en Hij zal al zijn welbehagen doen. Hij, ^ en Hy zal doch op zijn tijd „orde in den chaos" scheppen, zooals de heer K het noemt. En zijn: „Er zij licht!" geldt toch meer dan al het woelen en werken der menschen-kinderen.

Gii Heere! blijft in eeuwigheid, en uwe gedachtenis van geSt tot geslacM. Gij zult U ontfermen over Slon want fe^d om haar genadig te zijn, de bestemde tijdis gekomen. WaS uwe knechten hebben een welgevallen aan hare steenen, en hebben medelijden met haar gruis." —

Het heeft ons leed gedaan te moeten schrijven, zooals wij deden. MaÏ waar men den freurigen ^A^^Z^ openlijk als „inbrenger eener vijfvoudige aanklacht te signaleeren TZ mochten we niet nalaten onze stem te verheffen^voor wa WaaZd is en recht. Dat de heer K. met zijn „beschuldigmg Tegen den heer L. op geen goede gronden rust, hebben wy getracht aan te toonen.

Fn voorts: vincit veritas! .

ieTiJl vieren van den dood dos grooten Zwijgers O, mdren T «St van dezen geloofsheld eens een blik kon slaan op den IS vT land en\erk, - „welches Qnos «■ winde ans

^«TSKt Oranje me, — lippen

nitTprak! ook de «: ,,Mon Dien, mon Dien, ave, de «. et de ton pauvre peuple!"

W. Febr. 1884.

Sluiten