Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

woning uit te werpen; toen juist van pas een goed vriend binnen kwam, en vroeg: «Hoe, gij zoo verstoord op elkander!" Hij vernam hun geschil, en had eerst veel moeite, om hen tot bedaren te brengen en te doen opmerken, dat het louter een verschil van opvatting en op zijn hoogst een verschil van inzigt was omtrent de wijze, waarop hun vader voor hen zorgde. »Uw vader is 't immers evenzeer, die u alles toezendt," zeide hij, »en gij erkent ook beide deze waarheid, dat gij alles aan hem te danken hebt?" Nu gaven zij elkander de broederhand en thans leven zij vreedzaam, en zijn verblijd, dat zoo luttel verschil van opvatting, tot het wezen der groote zaak niet afdoende, hen niet langer van elkander verwijdert.

Is het verschil niet gelijksoortig tusschen hen, die beweren, dat de persoonlijkheid des heiligen geestes moet erkend en vast gehouden worden, en tusschen degene, die meenen, dat die leerstelling louter op onjuiste opvatting en verklaring van eenige plaatsen der Heilige Schrift berust? Men verlieze toch, uit overijling of driftig verdedigen of bestrijden van opvatting en bijzonder inzigt, niet de groote waarheid uit het oog, waarin men overeenstemt. Zoo velen er van weerszijde in opreglheid Christenen zijn, die erkennen toch allen, dat hun Vader in den hemel 't is, die het goede in hen heeft aangevangen en bestendig voedt en in hen kan en wil en zal volmaken: daarom juist bovenal hebben zij dien Vader zoo lief en sluiten zich aan Hem vast en danken Hem in alles en bidden zonder ophouden tot Hem en beijveren zich , om in zijnen geest en naar zijnen heiligen wil te leven, der wereld ten zegen en dien Vader ter eere. Zullen zij dan ook niet in deze waarheid, die zij zamen bij ondervinding kennen en met geheel hun

Sluiten