Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verder ik kom en hoe digter ik aan 't einde mijns levens nader, wordt mijne theologie hoe langer hoe kleiner." Op de vraag: «Hoedanig die dan nu wel was," kreeg bij ten antwoord: »Als ik bid: ome Vader die in de hemelen zijt! dan heb ik het alles al gezegd." De uitstekende Godgeleerde gevoelde gewis , dat, hoe veèl verschil in theologische begrippen er tusschen hem en velen in zijne Gemeente mogt plaats hebben, dit de groote waarheid was, waarin hij en allen konden en moesten zamenstemmen, en dat er ware eenheid in de Gemeente zijn zou, indien allen , door christus geleid, zamen God als hun hemelschen Vader erkenden en biddende waarlijk in gemeenschap met Hem leefden. — En zonden dan niet wij Christenen allen, ook bij veel en velerlei verschil van Godgeleerde begrippen en leerstellingen , ons in die groote waarheid kunnen vereenigen, om alzoo zamen, als Gods kinderen, als onderling broeders en zusters in liefde te leven en te werken tot aller heil en tol 's Vaders eere? Gewis; want de Heer zelf heeft nadrukkelijk gezegd: » Hieraan zullen allen erkennen, dat gij mijne discipelen zijt, indien gij elkander lief hebt, gelijk ik n heb liefgehad." Gemeenschappelijke aanschouwing en ondervinding der liefde van Gods Zoon, en door deze, gemeenschappelijke ervaring en erkentenis van de liefde des Vaders , waaruit voortvloeije een leven in liefde, aan de liefde des Zoons en des Vaders gelijkvormig: dit is de ééne hoofdzaak, de ééne wezenlijkheid, de ééne waarheid , waarin allen, die jezus discipelen zijn willen , zich moeten vereenigen; deze is de eenigheid des geestes, waarin de Gemeente verbonden is door den band der liefde, •»«■»*

Sluiten