is toegevoegd aan je favorieten.

Het recht, de kracht, de grond der hope tot de stichting en instandhouding van onze hoogeschool met den Bijbel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Samaritanen betwistten eerst Israëls wedergekeerden het recht tot den herbouw en brachten het daarna zoover, dat zij in hun rechten werden geschorst.

Dit is het wapen, waarmede Joden en Judaïseerende sekten den grooten heidenapostel rusteloos hebben bekampt. Hy maakt, zoo riepen zij, zich zelf apostel en mist alle recht tot dat ambt.

Dat juist was het verteerende in Romes banbliksems, dat zij rechteloos maakten hem, dien zij troffen.

Dat is het, wat de synodale hiërarchie met haar quasi schorsingen en ontzettingen en met de door haar uitgelokte vonnissen beoogt; zij wenscht dat het allen duidelijk worde, dat wij rechtelooze en dus in ons doen revolutionaire lieden zijn.

Dat is, wat de mannen van ongeloof en revolutie langs allen weg en door elk middel zoeken te verkrijgen, dat aan de belijders van het evangelie geen enkel recht tot spreken en handelen meer blijve.

Daarmede is dan ook de felle kamp tegen onze school aangevangen, dat onzer Vereeniging het recht tot universiteitsstichting en onzer schole het recht van bestaan werd ontzegd.

Strikt genomen ontbrak haar, zoo heette het, tot deze daad alle bevoegdheid. Zij kon geen enkel teeken toonen, dat zij deze dingen deed. En zulk een school als de onze is, — neen zij mocht niet bestaan.

Die aanval is toen schitterend afgeslagen, dat beweren is toen afdoende weerlegd.

Doch, gelijk wij zagen, de zaak is van 't uiterste gewicht, ook voor ons zelf. Voor onze eigen vastigheid en troost en voor onze vrijmoedigheid in het bidden en danken is het noodzakelijk, dat wij ons telkens opnieuw rekenschap geven van ons doen en van ons recht tot stiehting en mainteneering onzer schole.

Hiertoe dan en niet om te herhalen, wat zoo uitnemend geschied is, noch om te doen, wat verre boven onze krachten zou gaan, staan wij thans met u bij deze zaak stil. — En dan? — neen wij behoeven geen onderzoek te schroomen. Wij kunnen onze zaak blootleggen. Wij matigen ons niet iets aan. Wij handelen niet naar willekeur. Onze school ligt niet om haar rechteloos bestaan geoordeeld. Niet alleen naar menschenmaatstaf, maar ook voor Gods aangezicht hebben