Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de ons tot dusver bekende schakeeringen in beteekenis van nlriQ<opa alleen de hiertoe door ons aanvaarde.

Mogen we dus achten de uitdrukking nltfëajfia tov x8°*ov of x&v xaiQwv te verstaan, dan moet nu de vraag worden beantwoord, waarom is ze hier gebezigd, anders gezegd, waaraan wil de Schrift, dat we denken, als ze schrijft nkrjQcofia tov xqóvov en waarom noemt ze dat alzoo. Deze vraag kan alleen uit het verband worden beantwoord.

Wanneer we het verband in Gal. 4 bezien, valt dadelijk op, dat de tijdsbepalende zin: toen de volheid des tijds kwam, een eigenaardige plaats inneemt. Op het eerste gezicht kon hij zeer goed ontbreken, zouden we zelfs verwachten, dat Paulus had geschreven: toen God Zijn Zoon zond, kwam de vrijheid. Nu heeft men er echter op te letten, dat de apostel het beeld, dat hij in vs. 1 en 2 gebruikt, niet slechts in de hoofdzaak, doch ook in verschillende onderdeden overbrengt. Aan de tijdsbepaling iqf ooov xQÓ*°v ó xkrjoovóuog rqmóg ionv beantwoordt duidelijk de andere 8re fifttv vrfmoi. We vragen daarom, kan de andere tijdsbepaling 8ze óè fjk&tv tó Jtl^gm/ta zov xqóvov wellicht ook gezien worden, als de toepassing van een uitdrukking in het beeld, die haar zou kunnen toelichten. We komen als vanzelf bij &xqi xifc ngodeopia? tov naroó?. Deze tijdsbepaling draagt een geheel ander karakter dan de andere êq? ooov xqóvov ó xXrjQovónos vtjmóg èonv. De laatste duidt op een toestand bij den erfgenaam, die vanzelf, op volkomen natuurlijke wijze zijn einde zal bereiken. Daarentegen doet de npoileo/ula denken aan een geheel buiten den erfgenaam omgaande, van te voren door een ander, die de beschikking in handen heeft, vastgesteld tijdstip. Brengen we dit over, dan komen we tot de slotsom, dat Paulus in vs. 4 niet slechts de komst van Christus wilde voorstellen, als het groote allesbeheerschende feit, dat de verandering te weeg bracht, en dat daarom verdiende in een hoofdzin te worden vermeld, maar dat hij in een bijzin bovendien wilde aangeven, dat de tijd, waarop dit feit zou plaats grijpen, zeer bijzonder door God was bepaald.

We ontvangen hier een blik in Gods Raadsbesluit. Toen God oordeelde naar Zijn gemaakt bestek, dat de tijd vol was, toen zond Hij Christus. Hij heeft onafhankelijk van wien ook

Sluiten