is toegevoegd aan je favorieten.

De grondgedachte van Emil Brunner

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

n.1. schuld. D.w.z. er is iets voorgevallen, dat tot het verleden behoort en waarover de mensch geen beschikking meer heeft. Schuld is objectief. Daarom moet er objectieve verzoening geschieden. De reactie Gods op de menschelijke zonde is Zijn toorn. Die toorn is werkelijkheid ; daarom moet er iets geschieden, de toorn-werkelijkheid moet worden overwonnen. God en mensch zijn gescheiden door een kloof, die overbrugd moet worden.

Deze verzoening geschiedt in de openbaring. Het komen Gods in het persoonlijke Woord is het heil, is de verzoening. Dat Christus er i s, dat het Woord tot ons is gekomen, is het groote heilswonder. Het heil ligt in de existentie van den Godmensch, zooals het ook door de theologie van de Oostersche kerk bedoeld wordt.

De persoon en het werk van den Middelaar zijn alzoo één en hetzelfde. Om van het werk van Christus te spreken behoeft men Hem .niet als subject van een handelen te stellen. Als men van Hem als persoon spreekt, is dat genoeg om Zijn werk der openbaring en verzoening aan te duiden. Zijn persoon is de verzoening. De persoon van den Godmensch zegt, dat God „sich zum Menschen bekennt". Als het Woord vleesch wordt, wordt de kloof tusschen God en mensch overbrugd. Dan wordt die kloof door God uitdrukkelijk ontkend. Dat is de verzoening.

Is dan het kruis overtollig ?, zoo vraagt nu Brunner zelf. En hij antwoordt: „Diese Frage ist töricht." *) 't Kruis is de voleindiging der vleesch wording. De zin der vleeschwording, het „nostra assumsit", breekt dan pas geheel door, waar het „nostra" de diepste diepte van het menschelijk bestaan beteekent. De zelfovergave aan het kruis is niets anders dan de „Selbsthingabe in die Niedrigkeit der menschlichen Existenz".1) 't Is dezelfde ééne beweging : de overwinning van de kloof.

l) Mittler, bl. 446.