is toegevoegd aan je favorieten.

Kerkordening der Gereformeerde Kerken in Nederland, benevens de daaraan verbonden besluiten der Generale Synode van Dordrecht, in den jare 1893

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 26.

De Praetor der Studenten wordt door henzelven benoemd, behoudens goedkeuring der Docenten.

Hij behartigt de gemeenschappelijke belangen der Studenten bij het Docenten-college en is bij offlciëele gelegenheden hun vertegenwoordiger.

Art. 27.

De Studenten zullen, in woord en wandel, ten allen tijde en op alle plaatsen den goeden naam der School bevorderen, op elkander acht geven en eene goede reuke van Christus verspreiden. Aft. 28.

Indien Studenten zich gedragen in strijd met den regel van Gods woord of de orde der School, zullen zij door de Docenten daarover worden onderhouden.

De tuchtmiddelen zijn: vermaning in het bijzonder, bestraffing in tegenwoordigheid van alle Studenten, tijdelijke ontzegging der lessen, en verwijdering van de School.

De Studenten behouden steeds het recht, zich te beroepen op het College van Curatoren.

Art. 29.

De Bibliotheek der Theol. School staat open voor alle Studenten.

(Acta 1893; Art. 130 en 155).

XXI. De Kerkeraden zullen alomme toezien dat er goede Schoolmeesters zijn, die niet alleen de kinderen leeren lezen, schrijven, spraken en vrije kunsten, maar ook dezelve in de Godzaligheid en in den Catechismus onderwijzen. —

De Synode spreekt de wenschelijkheid uit, dat de Christelijke Scholen zich laten erkennen als vereeniging volgens de wet van 1855, op grond van de overweging, dat de scholen moeten uitgaan van de ouders.

(Acta 1893; Laatste Zitting.)