is toegevoegd aan je favorieten.

Kerkordening der Gereformeerde Kerken in Nederland, benevens de daaraan verbonden besluiten der Generale Synode van Dordrecht, in den jare 1893

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XXII. De ouderlingen zullen door het oordeel des Kerkeraads en der Diakenen verkoren worden; zoo dat het naar de gelegenheid van een ieder Kerke vrij zal zijn, zoo vele Ouderlingen als er van noode zijn aan de Gemeente voor te stellen, om van die zelve (ten ware dat er eenig beletsel voorviel) ge'approbeerd en goed gekend zijnde, met openbare gebeden en stipulatiën bevestigd te worden; — of een dubbel getal, om het halve deel bij de Gemeente verkoren te worden, en op dezelfde wijze in den Dienst te bevestigen, volgens het Formulier daarvan zijnde.

XXTLT. Der Ouderlingen ambt is, behalve 'tgene dat boven, in Artikel zestien, gezegd is hun met den Dienaar des Woords gemeen-te zijn, opzipht te hebben, dat de Dienaren, mitsgaders hunne andere medehelpers en Diakenen hun ambt getrouwelijk bedienen, en de bezoeking te doen, naardat de gelegenheid des tijds en der plaats, tot stichting der ►Gemeente, zoo voor als na het Nachtmaal kan lijden, om bijzonder de Lidmaten der Gemeente te vertroosten en te onderwijzen, en ook anderen tot do Christelijke Religie te vermanen.

XXIV. Dezelfde wijze die van de Ouderlingen gezegd is, zal men ook onderhouden in de verkiezing, approbatie en bevestiging der Diakenen.

XXV. Der Diakenen eigen ambt is, de aalmoezen en andere armengoederen naarstiglijk te verza-